Het Meetnet Urbane Soorten gaat zijn vierde jaar in. Dit stadsvogelmeetnet is opgezet door SOVON Vogelonderzoek Nederland en Vogelbescherming Nederland om de aantalsontwikkeling en verspreiding van broedvogels in bebouwde gebieden beter in beeld te brengen. Meedoen met MUS wordt in 2010 nog interessanter. De telgegevens worden nu door Vogelbescherming gebruikt om beschermingsmaatregelen voor stadsvogels beter af te kunnen stemmen op de lokale situatie in gemeenten. Ook dit jaar kunnen de zoogdieren meegeteld worden.

Het Meetnet Urbane Soorten (MUS) is een nieuw monitoringmeetnet met een eenvoudige opzet, dat toch de gewenste resultaten oplevert om de vogelbevolking van bebouwde gebieden op de voet te kunnen volgen. Per postcodegebied worden op 12 willekeurige telpunten gedurende vijf minuten alle vogels geteld, en dat op drie momenten in het broedseizoen. In de afgelopen drie jaar zijn er jaarlijks 280.000-300.000 vogels ingevoerd in MUS uit 455-490 postcodegebieden (ieder 8-12 telpunten). Dit leverde in 2009 ruim 300.000 vogels op, verdeeld over 155 soorten. De watervogels zoals Canadese en Grauwe Gans en Meerkoet zijn toegenomen. Verrassend is dat er ook een aantal huizenbroeders, zoals Gierzwaluw, Kauw en Huismus, lijken te zijn toegenomen in die drie jaar. Winterkoning, Houtduif en Koolmees waren stabiel en er was een afname bij IJsvogel, Roodborst en Merel. De vraag is of het hierbij om echte trends gaat, of om jaarfluctuaties die in een volgend jaar weer naar de negatieve kant kunnen omslaan. Het gaat over de veranderingen in drie jaar maar elk jaar erbij zullen de indexen en veranderingen robuuster maken. Over de resultaten van de eerste drie jaar van het stadsvogelmeetnet MUS is meer te lezen in SOVON Nieuws 2010 nr. 1.
voor de pdf klik hier

Als u interesse heeft om mee te doen, kunt u meer informatie vinden op de website van SOVON, waar ook een postcodegebied in de buurt kan worden uitgezocht. MUS blijkt een leuk project te zijn om als vogelwerkgroep op te pakken. Er zijn enkele steden in Nederland die vrijwel vlakdekkend ‘geMUSt’ worden. De tellingen kosten weinig tijd (slechts twee ochtenden en een zomeravond) en door de laagdrempelige opzet kunnen ook vogelaars met weinig telervaring meedoen. Voorwaarde is dat men de algemene soorten stadsvogels op zicht en geluid kan herkennen. Om hierbij te helpen heeft SOVON de MUS-cursus opgezet: een vogelherkenningscursus die met name ingaat op geluidenkennis, en via internet individueel te volgen is
Coördinator stadsvogelmeetnet MUS
MUS@sovon.nl
024-7 410 410
+ Foto Huismus (Foto: Harvey van Diek)
+ Verspreiding Huismus in 2009.