
Gebiedsplatform – secretariaat mw. Lafranca
Provincie:
- mw. A. Wittink,
Projectleider Structuurvisie, Provincie Zuid-Holland, Postbus 90602,
2509 LP, Den
Haag.
- mw. E. Sastrowitomo – es.sastrowitomo@pzh.nl
- mw. J. Hemelaar – jhm.hemelaar@pzh.nl
- dhr. P. Verstoep – pd.verstoep@pzh.nl
Landschapsplan coördinator – dhr. C. Revet
Gemeenten:
Alblasserdam (dhr. Sj Veerman); Giessenlanden;
Gorinchem; Graafstroom; Hardinxveld-Giessendam; Liesveld; Nieuw-Lekkerland;
Papendrecht; Sliedrecht en Zederik
Planologie werkgroep NVWA – dhr. J. Schoen en dhr. J
Verhagen
Ref.: 826U Aanvulling regionale structuurvisie Papendrecht dd. 27-06-2008
|
Aanvulling op de regionale structuurvisie Alblasserwaard
Vijfheerenland van 2004 |
De indeling van deze
aanvulling is als volgt:
1. Inleiding
2. Hoe is het
3. Hoe kan het
4. Spelregels en inrichting
5. Kaartschets
1. Inleiding.
- Dit verslag is opgemaakt door de heren
Leen den Ouden, Jan Schoen en Jacques Verhagen van de werkgroep Planologie.
- Sinds 6 jaar houdt de Natuur- en
Vogelwacht De Alblasserwaard zich intensief bezig met de planologie van de
Alblasserwaard.
- Wij ontwikkelden een visie, die werd
omgezet in posters en een flyer. Tevens werden de verrommelingen in het
buitengebied globaal geïnventariseerd. Deze ervaringen zijn in deze aanvulling
vastgelegd.
- In de bovengenoemde structuurvisie
krijgen de bebouwde gebieden, de cultuurhistorie en de agrarische sector o.i.
voldoende aandacht. Wat niet is
besproken is de leefomgeving (= buitengebied) van de 150.000 inwoners. Zij worden gedwongen tot intensieve
bewoning. Hun leefomgeving moet in het buitengebied van de Alblasserwaard gecreëerd worden: dit door,
zowel voorzieningen te treffen ten gunste van extensieve- als ook intensieve
recreatie. De extensieve recreatie zal ondersteuning geven aan natuur,
waterbeheersing, klimaatproblematiek, versnippering e.d.
2. Hoe is het.
- Positieve
factoren
. Bedrijfsuitoefening door de
melkveehouderij, hierdoor is een gelijkvormig landschap over de gehele
oppervlakte van de Alblasserwaard ontstaan.
. Het slotenpatroon, het z.g.
slagenlandschap, (ca 700 jaar geleden aangelegd) is nog redelijk in takt.
. De cultuurhistorie is van goede
kwaliteit, zowel binnen de bebouwde kom als ook de boerderijen, molens e.a. in
het buitengebied.
. Het landschap is min of meer behouden
gebleven, maar moet behouden blijven
en is onze bescherming waard.
- Negatieve
factoren
. De cultuurnatuur, die 50 tot 100 jaar geleden 2/3 van de oppervlakte
van de Alblasserwaard besloeg, is, op
een beperkt aantal ha na, verdwenen.
. De bebouwing in het buitengebied: het
volbouwen, zoals gebeurd is op het eiland IJsselmonde, willen wij voorkomen. De
druk vanuit de regio Rijnmond, nu op de Hoeksewaard, kan gemakkelijk overslaan naar de
Alblasserwaard.
Iedere gemeente maakt zijn
eigen plannen. Er is geen samenhang
tussen die gemeenten en geen visie
over de invulling van het buitengebied van de gehele Alblasserwaard. Vooral het
bouwen op de verkeerde plaats komt voor, zoals:
1. Nieuw Lekkerland (uitplaatsen
voetbalvelden);
2. Graafstroom (compressorstation,
uitplaatsen boerderijen);
3. Sliedrecht (uitplaatsen
voetbalvelden);
4. Alblasserdam (Merconterrein
woningen versus verkeersdrukte op de dijk);
5. Hardinxveld (bedrijven in
uiterwaard tegen de Avelingen) etc.
. Burgemeester
Koen heeft zelfs (bij de Provincie) gesteld: Geef ons beleid.
- Toekomstige
ontwikkelingen.
. Klimatologische veranderingen,
opwarming en zeespiegel stijging.
. Waterbeheer, wat nauw met het
bovenstaande samenhangt.
. Versnippering van natuurgebieden.
. Het leefbaar houden van de
Alblasserwaard.
. Kan de melkveehouderij, naast het
afschaffen van het quotum, voldoende in stand blijven? Denk aan concurrentie op
de melkprijzen maar ook aan de vele beperkende maatregelen.
3. Hoe kan het.
- Het buitengebied is het leefgebied van de ca 300 agrariërs. Zij
moeten hun bedrijf op economische wijze uit kunnen oefenen.
- Het buitengebied is de leefomgeving van de 150.000 inwoners
van de Alblasserwaard. Voor hen dient te worden voorzien in:
- Intensieve recreatie, bij voorkeur
dicht bij de A15,
- Extensieve recreatie, die een bijdrage
zal leveren aan de (cultuur)natuur, waterbeheer,
aan het tegengaan van de versnippering en die
een ondersteuning kan zijn voor het nemen van klimaatmaatregelen e.d.
Dit zal toerisme aantrekken
uit de Randstad, hetgeen een aanvulling op het inkomen van de
plattelandsbevolking betekent. Het korter reizen van de Randstadters , die
minder ver moeten rijden, betekent een vermindering van energie gebruik, minder
uitstoot en minder verkeersdrukte.
- Er moet één masterplan voor de
inrichting van het buitengebied worden gemaakt, over een periode van de komende
50 jaar. De Provincie, gezamenlijk met bijvoorbeeld een universiteit kunnen dit
plan ontwerpen. In dit plan dient een jaarplanning te worden opgenomen, waarin
aangegeven wordt wanneer een ontwikkeling start en eindigt. Wij stellen voor
een rapport zoals Beeldkwaliteit Loenen,
dat bestaat uit:
1. Beeldkwaliteitplan.
2. Landschapsontwikkelingsplan en
een
3. Uitvoeringsplan
Dit plan kan om de 5 jaar bijgesteld
worden aan de hand van wenselijke en noodzakelijk veranderingen. Hiermee wordt
voorkomen, dat elk nieuw plan lopende plannen omzeep helpt, zoals voorbeeld: de
Merwezone versus de Natte As.
Alle gemeenten dienen zich aan dit
plan te conformeren.
4. Spelregels en inrichting
Voor dit masterplan dienen spelregels
te worden opgesteld, alsmede een inrichtingsplan, dat op een kaart wordt
vastgelegd
- De spelregels zijn geen wettelijke
regelgeving. Het moeten uitgangspunten (een convenant) worden. De bestuurders weten dan het eindresultaat
en kunnen daarnaar toewerken.
- Daarnaast is een inrichtingsplan
noodzakelijk, die wij – als voorbeeld - hebben vastgelegd in een kaartschets.
Deze kaart is slechts een idee een schets. Wij laten een ontwerp omtrent de
inrichting over aan de deskundigen.
Spelregels:
4.1. De agrariërs moeten hun grondgebied
vergroten en het aantal stuks vee uitbreiden. De tijd, die de agrariër aan
natuurbeheer kan besteden, neemt hierdoor af. Daarbij komt dat de smalle
percelen weinig ruimte bieden voor natuurbeheer, zoals akkerranden beheer.
Veelal zal deze beperkt blijven tot sloot en slootkantbeheer.
De agrariër kan er voor kiezen, naast
beperkte veehouderij, andere betaalde taken uit te voeren. Deze hebben
betrekking, naast streekeigen producten, op zorg, extensieve recreatie, natuurterreinen, landgoederen, rietteelt
e.d.. De diensten moeten leiden tot een acceptabel inkomen voor de agrariër
voor nu en in de toekomst.
Spelregel:
Derhalve dienen in contracten met de overheid en organisaties inzake diensten
een lange looptijd van ca. 25 jaar te worden afgesproken. Dit is de enige
manier voor de agrariër om de bedrijfsvoering aan te passen. Immers
natuurbescherming in een natuurgebied loopt ook over een lange termijn.
Een voorbeeld hierbij is een veeboer
in de Hoekse waard, die zijn vleeskoeien in natuurterreinen laat grazen.
4.2. Spelregel:
Niet bouwen langs on- en schaars bebouwde ruilverkavelingwegen, dit is een
recht van 30 jaar geleden. Dit recht moet worden afgestemd op de huidige
situatie. Agrariërs moeten in de
bouwstrook voorrang krijgen ten opzichte van particulieren, deze moeten
inschikken. Ook de milieuwet moet worden aangepast. Als men op het platteland
wil wonen, kan dit geur overlast veroorzaken, de aantallen meter afstand – in
het buitengebied - moet drastisch worden ingeperkt. Nu is de situatie, dat de
agrariër uitgeplaatst wordt onder druk van de wetgeving. Hierdoor verdwijnt de
openheid van de Alblasserwaard. Bij uitplaatsing in niet en/of schaars bebouwde
ruilverkavelingwegen dient een separaat contract te worden gesloten, opdat bij
verandering van het grondgebruik b .v. in natuur en recreatie, de opstallen
moeten worden afgebroken.
4.3. Spelregel:
Bouwen in het verkavelingpatroon – dit is in de west Alblasserwaard van
oost naar west - in de bouwstrook, zo
dicht mogelijk bij de weg. Het pand dient een boerderijachtige uitstraling
(plattelandsuitstraling) te hebben. Schuren naast elkaar en niet achter elkaar
ter instandhouding van de openheid van het landschap. Veel nieuwe boerderijen voldoen hier niet
aan. Met een goede beplanting kan de rommel op en de bouwstijl van deze
boerderijen enigszins worden gecamoufleerd.
4.4 Degene - particulieren en dienstverlenende
bedrijven (architecten,
accountantskantoren e.d.) - die zich niet thuis voelen in de intensieve
bebouwing van de bebouwde kom kunnen kiezen voor het buitengebied.
Spelregel:
Zij kunnen in het buitengebied een
oude boerderij kopen of in de bouwstrook een boerderijachtig pand bouwen met de
verplichting een landgoed te stichten. Maximaal 3 wooneenheden zijn toegestaan.
De overige ha – deze behoeven niet aansluitend te zijn - dienen te worden
afgeplagd en daarop dient herinrichting met de oude cultuurnatuur van de
Alblasserwaard, zoals hooiland, griend, eendenkooi en tiendwegen plaats te
vinden. Dit moet zichtbaar zijn voor de recreant maar hoeft niet betreedbaar te
zijn. Dit leidt tot een uitstekend flora- en weidevogelgebied. Met de
afgeplagde grond kunnen de weiden worden opgehoogd. De totale waterstand kan
hoger worden gesteld. Geen woonhuizen en villa’s bouwen, maar gebouwen met een
boerderijachtige uitstraling .
4.5 Naast de bewoning in de bebouwde kom, vindt
bewoning plaats in het buitengebied, door particulieren, zoals langs dijken,
rivieren en veenstroompjes (Alblas, Giessen) in oude boerderijen en buurtschappen.
Spelregel:
Ook deze bewoners dienen zoals bovengenoemde particulieren en bedrijven bij
te dragen. Zij profiteren immers van de voordelen van het buitengebied.
4.6 Spelregel:
De huidige transport-, ambachtelijke- en industriële bedrijven moeten niet
meer in het buitengebied, maar op industrieterreinen worden gevestigd, waar
mogelijk aan de west en zuidzijde van de Alblasserwaard. De wegen binnen de
Alblasserwaard zijn voor het vervoer voor dit soort bedrijven niet geschikt,
zowel qua capaciteit als kwaliteit .
4.7 Spelregel:
Het weidegebied zo goed mogelijk bewaren, dus minimale maïsteelt. Ook dient
het ophogen van weiden kritisch te worden beoordeeld. Als klei wordt opgebracht
verdwijnt het veenweidegebied.
4.8 Men is, door het kavelpatroon, geneigd diep
in het openland te bouwen, o.a. volkstuinen en maneges e.d.
Spelregel:
Het is beter meer naast elkaar te bouwen, dan achter elkaar, waardoor de
openheid, van het landschap, niet wordt aangetast.
4.9 Het behoud van landschapselementen, zoals:
het slagenlandschap (sloten zijn vaak 700 jaar oud en zijn dus historische
monumenten), donken, stroomruggen, boezemgebieden, eendenkooien, tiendwegen,
pestbosjes, wielen, hoogstam fruitboomgaarden, geriefbosjes, knotwilgen en
griendjes, hooilandjes en terrasoevers, is een groot probleem. Zij verdwijnen
soms als sneeuw door de zon.
Spelregel:
Het archiveren, subsidiëren, bewaken,
controleren en waar mogelijk herstellen en uitbreiden van landschapselementen
is van groot belang Hiertoe zullen
moderne middelen, als luchtfotografie met een bewakingssysteem moeten worden
ingezet. Alle gemeenten stellen, dat zij, tot op heden, geen ambtenaren hebben,
die deze bewaking uit kunnen voeren.
4.10 Spelregel:
Hetzelfde geldt voor de historische elementen, zoals molens, gemalen,
boerderijen, kerken, gebouwen en archeologische monumenten.
4.11 Voor alle wegen geldt, dat de beplanting niet
overeenkomt met wat in de Alblasserwaard gebruikelijk was. Hoge bomen langs de
wegen waren onbekend. Meest knotwilgen, essen als hovelingen, en eventueel mei-
en sleedoorn bosschages.
Spelregel:
Dit zou tot een nieuwe beplanting langs de wegen moeten worden leiden.
4.12 Spelregel:
Er dienen voldoende ganzenfoerageergebieden in het centrale deel en de
noord- en de zuidrand van de Alblasserwaard te komen. Deze moeten worden
vastgelegd door de Provincie. Extra aandacht is nodig voor de Kleine Zwaan.
Tevens moet de jacht worden verboden in de gebieden gelegen tussen de slaap- en
foerageergebieden, zowel voor de gans als de Kleine Zwaan.
4.13 De EHSen (Ecologische Hoofd Structuren), dit
zijn de verbindingswegen tussen de natuurreservaten.
Spelregel:
Deze ruimer opzetten en ook geschikt maken voor bevers, otters en reeën.
Elke weg voor de mens is een versperring voor de dieren, probeer dit op te
lossen. Liever minder EHSen maar van een betere kwaliteit.
4.14 Spelregel:
Herinrichting van de Hollandse waterlinie.
4.15 Spelregel:
Wat betreft de energie voorziening moet extra aandacht worden gegeven aan
bio-energie centrales, die functioneren op mest. De huidige moderne houtkachels
zijn CO2 neutraal, het aanleggen van griendtjes en het hout gebruiken in deze
kachels wordt interessant.
4.16 Spelregel:
De overdaad aan verlichting binnen de Alblasserwaard, dient zoveel mogelijk
te worden beperkt. Tijdens de oliecrisis was de verlichting (extreem) minder.
4.17 De fijnstof is van groot belang voor de
bewoners tussen A15 en Merwede. De fijnste fijnstof wordt nog niet gemeten.
Spelregel:
Dit vraagt om nader onderzoek.
4.18 Bij het inrichten van de polder dient
aandacht te zijn voor de inklinking van de veengrond. Spelregel: Ondanks, dat het een lange termijn probleem is moeten
maatregelen worden gezocht om dit probleem – eventueel op een lange termijn –
op te lossen.
4.19 Spelregel:
Verbetering en aanleggen van wandel- en fietspaden, alsmede het up to date houden van de routes is van groot belang
voor de Alblasserwaard.
4.20 Spelregel:
Het is van belang binnen elke gemeente een waterspeeltuin (zie Sliedrecht)
aan te leggen. Ook zijn openstukken met bosschages van belang als
kinderspeelplaats. Op deze wijze leren de kinderen de min of meer natuurlijke
omgeving.
4.21 Organisatie. De gemeenten van de
Alblasserwaard moeten over hun grenzen heen (willen) kijken. Het liefst één
gemeente voor het buitengebied (als in de USA). Beleid bepalen en uitvoeren. De
controle op het gebied d.m.v. luchtfoto’s inzake verrommeling, oneigenlijk gebruik
van gronden, illegale bouw- en bedreigde
landschapselementen.
Zoals reeds vernoemd onder punt 3
stellen wij voor een rapport zoals Beeldkwaliteit Loenen, dat bestaat
uit: Beeldkwaliteitplan, Landschapsontwikkelingsplan en een Uitvoeringsplan.
Inrichting (zie
kaartschets punt 5):
4.a Voor de intensieve recreatie een uitbreiding van het Alblasserbos met een
recreatiebos. Hierin opnemen een struinbos, een mountainbike parcours een
spartelvijver, een theehuis, een golfbaan, een motorcrossterrein bij de A15,
een forse parkeerplaats en een parkachtig bos voor wandelaars.
4.b Tussen A15 en Betuwelijn in het oog van
Hardinxveld-Giessendam, een recreatiegebied inrichten met camping(s) e.d . Hierin ook campings verplaatsen b.v. uit de
uiterwaarden.
Voor de extensieve recreatie een aaneengesloten natuurgebied
aanleggen/uitbreiden van Kinderdijk tot de Ammersekade en naar het zuiden tot
Alblasserbos / Merwezone etc.
4.c Het boezemgebied Kinderdijk aan de
oostzijde uitbreiden voor de wateropvang. Dit is tevens een belangrijk
natuurgebied. In een groter natuurgebied nemen het aantal dieren kwadratisch
toe.
4.d De rietteelt aanleggen van Kinderdijk tot de
Zijdeweg. Hier zijn door waterverhoging (tegen inklinking), waterberging
(behoefte), waterzuivering (drinkwater), bio-energie en natuur, resultaten te
behalen. Deze rietteelt is al eens voorgesteld door de universiteit van
Wageningen.
4.e Het herinrichten van het boezemgebied bij
Streefkerk. Het voorstel is dit gebied als natte as te gebruiken en zal dan
aansluiten op de Zijdebrug.
4.h Een robuuste Merwezone voor waterberging en
zuivering ten noorden van de Betuwelijn met koppeling naar de Biesbosch.
Inrichten met rietvelden, hooilandjes etc. voor natuur met toegang voor
extensieve recreatie.
4.k De uiterwaarden zoveel mogelijk teruggeven
aan de natuur (plan Ooievaar 1985). Geen woningbouw en campings. Alleen
gevestigde industrie, die hun bulkgoed over water laten vervoeren kunnen daar,
om praktische reden, gevestigd blijven.
4.l Uitbreiden van het Zouwegebied tot de
driehoek Sluis, Lexmond, A27 en Zouwedijk.
4.m Aansluiting van dit gebied met de Ammerse
kade. Deze aansluiting zal op een smalle basis met verbindingszones verbonden
moeten worden.
4.n De Natte As loopt voor een deel parallel.
4.o De N214 en de N216 herinrichten. De rijen
bomen vervangen door bosschages, struikgewas en openstukken, voor doorzicht
noord naar zuid. Dit betreft de openheid van de Alblasserwaard. (zie ook punt
4.11).
4.p Nu de verbinding van de reeën tussen het
Alblasserbos en de Biesbosch definitief is afgesloten, dient een verbinding te
worden gemaakt met het Zouwegebied. Dit zullen verbindingszones langs de N214
e.a. zijn.
Tevens dient onder de A27 een EHS te
worden aangelegd voor de verbinding tussen de reeënpopulatie in de
Vijfheerenlanden en het Zouwegebied. (Hierover zijn al een aantal contacten
geweest)
4.r. Het bovenstaande heeft intensivering van de
bebouwing aan de zuid- en westzijde van de Alblasserwaard tot gevolg. De A15 is de grens tussen randstad en
het buitengebied. Ten noorden van
A15 dient een afscherming te worden aangelegd met bossages, weitjes, hooiland,
moerasjes e.d., daar niet bouwen. Tevens dient elke gemeente
plannen te maken om middels een parkenzone een verbindingen tussen stad en
platteland te maken.
4.s Het
zoekgebied voor windmolens ligt in
de noordwest hoek van Papendrecht en bij Gorinchem. Daar tussen zijn, in de
herfst en winter, meer dan 80.000 ganzenpassages per dag.
4.t Verbinding
tussen Kinderdijk en het Alblasserbos is mogelijk middels een parkzone aan de
oostzijde van Alblasserdam of door de polder.
4.u De zuid
oosthoek van de Alblasserwaard heeft een ander verkavelingspatroon en is
redelijk kleinschalig en toeristisch aantrekkelijk.
5. Kaartschets
**************