Verleden, Heden en Toekomst van de Alblasserwaard
De onderdelen zijn:
1 Wat is de Natuur- en Vogelwacht?
2 Het verleden van de Alblasserwaard. Met beelden van landschapselementen op diverse plaatsen en uit de heemtuin.
3 Deze landschapselementen tijdens een fietstocht van Papendrecht (Matena) naar Streefkerk.
4 De huidige situatie
5 De toekomst. Kiezen voor uiteindelijk volbouwen van de Alblasserwaard of naast de agrarische sector en toeristische sector. Dit moet tevens het leefgebied worden voor de 130.000 inwoners van de Alblasserwaard.
Wij geven adviezen hoe dit plan er uit kan zien.
Starttekst: Natuur- en Vogelwacht “De Alblasserwaard” gevestigd
Streeknatuurcentrum Alblasserwaard; Matenaweg 1; Postbus 171; 3350 AD Papendrecht.
tel. 0184-412618
1. Wat is de Natuur- en Vogelwacht ?
De Natuur en Vogelwacht De Alblasserwaard is een vereniging die al 40 jaar bestaat. Deze vereniging is opgedeeld in werkgroepen.
Deze werkgroepen zijn actief op:
- Bestudering, beschermen en inventariseren van de planten- en dierenwereld in de Alblasserwaard.
- Landschapsonderhoud inzake landschapselementen zoals tiendwegen, wilgen en bosschages.
- Educatie op ca 15 aandachtsgebieden voor kleuters, jeugd, scholen en volwassenen.
- Planologie inzake bescherming van het landschap van de Alblasserwaard.
- In 1999 heeft de Vereniging een centrum laten bouwen en een educatieve heemtuin ingericht, met landschaps- en natuurelementen van de Alblasserwaard.
De Natuur- en Vogelwacht De Alblasserwaard neemt u mee naar het verleden, heden en toekomst van de Alblasserwaard.
2. Het verleden van de Alblasserwaard:
Tussen de jaren 1000 en 1300 breiden de steden in Holland en Utrecht zich uit, hiervoor was bouwmateriaal en voedsel nodig.
Tevens wilde de Graaf van Holland en de Bisschop van Utrecht geld verdienen aan de “wildernis”, De Alblasserwaard, dat toen een groot moerasbos was.
Voor het ontginnen zochten zij mensen uit de kuststreek en Gelderland.
Deze personen waren vaak “Welgeboren”, dus van adel, zij hadden vaak een startkapitaal voor de ontginning. Zij verspeelden hiermee hun adellijke titel en rechten, die o.a. inhielden dat zij geen belasting hoefden te betalen.
Zij verkregen de grond in eigendom en moesten jaarlijks - rechten en belasting - tienden betalen.
Zij waren de eerste vrije boeren in Nederland.
Hoe zag zo'n ontginning er uit?
- De veenstroompjes en rivieren in de West Alblasserwaard lopen van Oost naar West.
Langs een veenstroom of rivier werden door landmeters om de ca. 50 meter palen in de grond geplaatst. Vanaf dit punt werd door de ontginner een sloot gegraven, tot 1,5 km dwars het veen in. Op deze wijze werd het overtollige water afgevoerd.
- Aan de oever werd een boerderijtje met een stal voor het vee gebouwd, van het hout en het riet uit het moeras. Langs de rivier of veenstroompje was vaak wat klei. Hierop werden een notenboom en een paar fruitbomen geplant, voor wintervoedsel. Ook werd een moestuintje voor groenten aangelegd. Voor de bemesting werd een composthoop aangelegd. Achter het boerderijtje waren schuurtjes voor het vee en voedselopslag.
- Daar achter lag het weitje. De eerste tijd werd hier tarwe, gerst, haver en vlas verbouwd, waar echter al gauw de grond hier te nat voor werd. Daarna werd hennep geteeld. Hiervoor werd veel bagger en mest gebruikt. De hennep is het grondproduct voor zeilen en touw voor de zeilvaart. Dit was een lucratief bedrijf.
- De oppervlakte van het weitje werd bepaald door de hoeveelheid afval en mest van het vee. Bij 6 koeien was het weitje dus 2x zo groot als bij 3 koeien.
- 2/3 van de oppervlakte van de Alblasserwaard werd echter ingevuld met de volgende landschapselementen:
- Het hooiland, dat veel groter was als het weitje. Het was ook veel natter en werd eenmaal per jaar gemaaid. Door het steeds oogsten en geen bemesting terug brengen werd de grond steeds armer, dus minder gras.
In de natuur geldt echter hoe armer de grond hoe rijker de planten groei. Meer plantensoorten krijgen de kans te ontkiemen en te groeien. Dit werd een waar planten- en dierenparadijs.
- Daarna werd het nog natter en werd een griend ingeplant voor het hout. Dit was hout voor te stoken, voor schuurtjes, voor gereedschappen, hoepels voor de vaten, die als emballage werden gebruikt en zinkstukken voor de dijken. De Alblasserwaard is nooit verveend, zoals in de rest van Holland. Daar zijn plassen en de meren ontstaan. In de Alblasserwaard bevond zich te veel klei in het veen en dat brand slecht.
- De eendenkooi was achteraan, het natste deel. Dit stond praktisch onder water. Hier werd een vijver met vangarmen uitgegraven. De grond diende om dijkjes op te werpen, daarop groeide bomen. Deze vijver werd gebruikt om 's winters eenden te vangen. Zo had men 's winters vlees op tafel.
De andere landschapselementen in de Alblasserwaard zijn:
- Het Slagenlandschap is een patroon van de gegraven sloten. Het is een historisch element van meer dan 700 tot 900 jaar oud. De gegraven boezems zijn er om het water verder af te voeren naar uitslagpunten aan de rivier.
- Besmet vee werd vroeger niet afgevoerd maar in een hoek van het weiland werd een gat gegraven en het kadaver werd daar ingegooid. Er om heen werd een slootje gegraven om het vee te weren van deze besmettingsbron. Vandaar de naam Pestbosje.
- Onder de dijken door stroomt water de polder in. Op de plek waar dit water naar boven kwam, werd door de boeren een sloot gegraven, om het water af te voeren. De weg die hierdoor ontstond werd de Tiendweg genoemd. Vermoedelijk is tiend een verbastering van “Ziehen” zoals de Duitsers het wegtrekken van o.a. water noemen.
- De Wielen zijn de doorbraakpunten van overstromingen. In het totaal hebben hier 33 overstromingen plaatsgevonden. Een wiel is te herkennen aan een ronde vijver, die vrij diep is. Tijdens de doorbraak werkt het water als een draaikolk en haalt het laagveen er uit tot op de oude rivierbodem.
- De Alblasserwaard lag vroeger - 10.000 jaar geleden - in een meanderende rivier. Hierin stoven zandduinen op - als aan de zeekust - tot 14 meter hoog. Deze werden bewoond. Daarna werd de rivier van de zee afgesloten en groeide er laagveen in het zoete water, tot ongeveer 14 meter hoog.
Na het inzakken van het laagveen, inklinken, steken de toppen van deze heuvels er bovenuit. Deze worden Donken genoemd.
- Dit inklinken is te zien bij de hoogwaterpaal in de tuin. In 1740 was de overstromingshoogte 4,5 meter. Er heeft toen misschien maar 1 meter water gestaan, de rest zijn we nu ingeklonken. We hebben nu nog ca 10 meter te gaan, dan zijn we op de rivierbodem. Wat dit voor consequenties heeft voor de dijken laat zich raden.
- De boeren hadden bedrijven waar zij economisch een maximaal rendement uit haalde. Na een aantal eeuwen was de hele Alblasserwaard ontgonnen. Er was toen Nul % natuur.
- De problemen waren , ook tijdens de periode met de molens, te veel water en te weinig mest en veevoer.
- Juist door dit te veel aan water en de beperkte bemesting ontstond een bijproduct waarvoor de boer niets hoefde te doen. Dat was een andere natuur - de cultuurnatuur, die bijzonder rijk was! Dit was de situatie tussen de 50 en 100 jaar geleden.
3. De landschapselementen in de Alblasserwaard. (Een wandel of fietstocht langs deze elementen.)
Nu laten wij u de huidige situatie zien. We rijden vanaf het Streeknatuur centrum De Alblasserwaard richting Streefkerk.
- De weiden hebben nu de plaats ingenomen van hooilanden, grienden en eendenkooien. 1/3 weidegebied is nu 100% weidegebied, als er tenminste geen maïs op staat, dat hoort niet thuis in het veenweidegebied.
- Na Oud-Alblas zien wij aan onze rechterhand bosjes midden in het weiland. Dit zijn pestbosjes. Vroeger had praktisch iedere boerderij zo’n bosje, waar vogels en dieren leefden.
- Aan onze linkerhand zien wij bij de boerderij nog een paar hoogstam fruitbomen. Hoogstamfruitbomen zijn tegenwoordig niet meer rendabel.
- Bij de Zijdebrug aangekomen zien wij zowel links als rechts bosschages, dat zijn oude eendenkooien, die nog werken. Vroeger waren er meer dan 150 in de Alblasserwaard. Nu is het aantal zeer beperkt.
- In de verte rechts zien wij een Donk liggen. Dat is de Brandwijkse Donk. Vroeger is daar een klooster geweest. De donk zal steeds hoger worden, want het landschap erom heen zakt.
- Bij de brug zijn de laatst overbleven hooilandjes. Dit is botanisch interessant gebied. Nog een paar stukjes bij de Giessen en Kinderdijk, dat is alles wat er is overgebleven.
- Als we doorrijden komen we bij een Wiel aan de rechterzijde. Dit wiel ligt midden in het land, hoe kan dat? U heeft al die tijd op de oude rivierdijk gereden tussen de Matena en Streefkerk. Papendrecht, Alblasserdam en Nieuw-Lekkerland zijn pas later ingedijkt.
- Nu naderen we Streefkerk. We kruisen hier de tiendweg, die veel verder in het land ligt als aan de zuidzijde van de Alblasserwaard. Bij Papendrecht ligt de tiendweg vlak achter de dijk. Het is maar, waar het water naar boven komt.
- Als u op de dijk staat, ziet u het patroon van de sloten, het slagenlandschap.
- Terug rijdend, langs het Alblasserbos, ziet u nog, een van de laatste binnendijkse grienden van de Alblasserwaard. Deze is gerenoveerd door de natuur en vogelwacht de Alblasserwaard.
4 Heden De landschapselementen zijn er nog wel, je moet ze alleen weten te vinden. Het is echter allemaal uiterst beperkt.
De cultuurnatuur was 2/3 van de Waard en is nu teruggebracht tot een beperkt aantal ha.
- Het water, mest en veevoerprobleem van de boer is opgelost. Door de gemalen kan de waterstand bepaald worden. Terwijl kunstmest voor voldoende bemesting zorgt. Het veevoer werd goedkoop ingevoerd uit de USA. Echter, met de huidige klimaatsproblematiek, vragen wij ons af of wij nu alles onder de knie hebben.
- Twee jaar geleden was het aantal agrariërs in de Alblasserwaard Vijfheerenlanden afgenomen tot 700. In de recreatiesector werkten toen 1300 personen.
- De EU wil af van de 40% landbouwsubsidie. De vrije wereldhandel zal in 2013 gerealiseerd zijn. Bedrijven moeten steeds groter worden om economisch te kunnen werken. De schulden worden dus ook steeds groter en het aantal bedrijven neemt af. Het enige pluspunt is de stijging van de melkprijs. Dit alles heeft tot gevolg, dat de kleine agrariërs stoppen en hun grond verkopen aan de grote agrariërs.
- De constante druk van uitbreiding, vanuit de randstad op het platteland wordt zwaarder en agrariërs worden uitgekocht. Door nieuwe plannen neemt het agrarisch areaal af. Hierbij is van belang, dat de agrariër geheel wordt uitgekocht, of volledig gecompenseerd, zodat hij z’n bedrijf elders kan voortzetten.
- Wij lopen het risico, dat de Alblasserwaard het voorbeeld gaat volgen van het eiland IJsselmonde en successievelijk wordt volgebouwd.
- Als u daar vrede mee heeft, is het zonde van uw tijd, om het volgende deel van deze presentatie te zien.
5. De toekomst. WAT BESLIST U?
Voor de ca 130.000 inwoners is de Alblasserwaard het leefgebied.
Hoe denkt u als inwoner zelf over uw leefgebied? Er moet beleid komen voor de gehele Alblasserwaard Vijfheerenlanden. De gemeenten en politiek zijn hiervoor verantwoordelijk.
Uitgangspunt: De Natuur- en Vogelwacht wil een krachtige agrarische sector. Echter bij het teruglopende aantal agrariërs is een andere krachtige sector noodzakelijk het TOERISME. Zowel voor de inwoners van de Alblasserwaard als voor de randstadbewoners.
- Beiden sectoren kunnen de Alblasserwaard Vijfheerenlanden open houden. Ook de agrariër kan hiervan profiteren.
Plan maken: Maar dan moet de Alblasserwaard ook wat kunnen bieden.
Wij adviseren – door bijvoorbeeld een universiteit - een landschapskaart in te laten vullen, ook voor de Vijfheerenlanden. Op de kaart wordt aangegeven wat, waar en per wanneer gedaan zal worden. Tevens dienen hieraan een aantal leefregels te worden toegevoegd inzake het beleid. De gemeenten en instellingen dienen deze te beoordelen en adviseren, tot er een acceptabele kaart ontstaat. Dit is dan het plan voor de invulling van de Alblasserwaard Vijfheerenlanden.
Adviezen: Wij hebben een lijst met een aantal punten opgesteld, die na onderzoek, als beleid kan gelden, en tot een leefbare Alblasserwaard Vijfheerenlanden kan leiden. t.w.:
1. Agrarische studie en dienstverlening inzake streekeigen producten, extensieve recreatie, natuurterreinen, weidevogels, ganzen, landgoederen, rietteelt e.a. Contract afsluiten tussen overheid en agrariër inzake zijn landschapsarbeid met een lange looptijd van b.v. 25 jaar. Dan kan de agrariër ook zijn bedrijfsvoering hierop afstemmen. Tot op heden is de overheid een onbetrouwbare partner gebleken.
2. Niet bouwen langs onbebouwde en schaars bebouwde ruilverkavelingwegen, dit is een recht van 30 jaar geleden van o.a. de Geerweg. Dit recht moet worden afgestemd op de huidige situatie.
3. Bouwen langs de koppen van de kavels, in de west Alblasserwaard is dit van oost naar west, in de bouwstrook, zo dicht mogelijk bij de weg. Het pand dient een boerderijachtige plattelands uitstraling te hebben. De schuren naast elkaar niet achter elkaar voor bescherming van de Openheid. Veel nieuwe boerderijen voldoen hier niet aan. Met een goede beplanting kan de bouwstijl enigszins worden gecamoufleerd.
4. Het weidegebied zo goed mogelijk bewaren. Geen maïsteelt, maar b.v. een kruidige vegetatie voor speciale kaas (streekeigen product), zoals b.v. in Frankrijk.
5. Rietteelt geconcentreerd in een deel van de Waard. Hier zijn door waterverhoging (tegen inklinking), waterberging (waterbehoefte), waterzuivering (drinkwater), bio-energie en natuur, resultaten te behalen.
6. Nieuwe bewoning door particulieren en dienstverlenende bedrijven (b.v. architecten, accountantskantoren). Zij kunnen in het buitengebied een oude boerderij kopen of in de bouwstrook een boerderijachtig pand bouwen met de verplichting een landgoed te stichten. Maximaal 3 wooneenheden zijn toegestaan op 1 ha land. Het overige dient te worden afgeplagd en als hooiland te worden ingericht. Dit hooiland wordt zichtbaar voor de recreant. Dit is een uitstekend flora- en weidevogelgebied. Met de afgeplagde grond kunnen de weiden worden opgehoogd. De totale waterstand kan hoger worden gesteld.. Geen woonhuizen en villa’s, maar gebouwen met een boerderijachtige uitstraling .
7. Naast de bewoning in de bebouwde kom, vindt bewoning plaats in het buitengebied. Ook deze bewoners dienen zich te gedragen, als bovengenoemde particulieren en bedrijven. Immers zij profiteren van het mooie buitengebied, vlak bij de randstad.
8. De huidige transport-, ambachtelijke- en industriële bedrijven niet meer in het buitengebied plaatsen, maar op industrieterreinen vestigen en waar mogelijk aan de west en zuidzijde van de Alblasserwaard. De wegen zijn voor het vervoer voor dit soort bedrijven niet geschikt, zowel qua capaciteit als kwaliteit .
9. Men is geneigd diep het openland in te bouwen o.a. volkstuinen en maneges e.d. Het is beter meer naast elkaar te bouwen, dan achter elkaar. Dit is een bedreiging van de Openheid.
10. Behoud landschapselementen. Het archiveren, subsidiëren, bewaken en waar mogelijk herstellen en uitbreiden van landschapselementen: het slagenlandschap (de sloten zijn vaak 700 jaar oud en zijn dus historische monumenten, deze worden ernstig bedreigd), donken, stroomruggen, boezemgebieden, eendenkooien, tiendwegen, pestbosjes, wielen, hoogstam fruitboomgaarden, geriefbosjes, hooilandjes en terrasoevers.
11. Hetzelfde geldt voor de historische elementen, zoals molens, gemalen, boerderijen, kerken, gebouwen en archeologische monumenten.
12 Natuur, water en wegen. Voldoende ganzenfoerageergebieden in het centrale deel en de noord- en de zuidrand.
13. Voldoende weidevogelgebieden met een ander bemesting- en maaibeheer, plas dras en een andere vegetatie t.b.v. van het insectenleven. Dit is het voedsel voor de jonge weidevogels.
14. De Ecologische Hoofd Structuren, dit zijn verbindingswegen tussen de natuurreservaten. Deze ruimer opzetten en ook geschikt maken voor bevers, otters en reeën. Elke weg voor de mens is een versperring voor de dieren.
15. Een robuuste Merwezone en Natte As voor waterberging en zuivering ten noorden van de Betuwelijn met koppeling naar de Biesbosch. Inrichten met rietvelden, hooilandjes e.d., voor natuur met toegang voor extensieve recreatie.
16. Het boezemgebied Kinderdijk is tevens een belangrijk natuurgebied. Dit boezemgebied aan de oostzijde uitbreiden. In een groter natuurgebied nemen het aantal dieren kwadratisch toe.
17. Het herinrichten van het boezemgebied bij Streefkerk en het uitbreiden van het natuurgebied aan de Zouwe. Vooral moerasvogels hebben hier baat bij.
18. De natuurgebieden van SBB uitbreiden o.a. bij de Donk van Brandwijk, zowel aan de oost- als aan de westzijde. Vooral voor de rode lijst weidevogels is dit een must.
19. De herinrichting van de oude Hollandse waterlinie.
20. De N214 herinrichten. De rijen bomen vervangen door bossages, struikgewas en openstukken, voor doorzicht van noord naar zuid. Dit betreft de openheid van de Alblasserwaard. Tevens is dit een verbindingsweg voor de reeën. Voor de andere wegen in de Waard geldt hetzelfde wat betreft de beplanting, in het bijzonder de noord/zuid wegen.
21. De uiterwaarden zoveel mogelijk teruggeven aan de natuur. Hiervoor is het plan Ooievaar van 1985 ontwikkeld. Geen woningbouw en campings. Alleen gevestigde industrie, die hun bulkgoed over water laten vervoeren kunnen daar, om praktische reden, gevestigd blijven.
22. Het vorige heeft tot gevolg het intensiveren van de bebouwing aan de zuid- en westzijde van de Alblasserwaard. De Rijksweg A15 is de grens tussen stad en het buitengebied. Ten noorden van A15 dient een afscherming te worden aangelegd met bossages, weitjes, hooiland, moerasjes e.d.. Er zal daar dus niet gebouwd kunnen worden.
23. Energie. Het zoekgebied voor windmolens ligt in de noordwest hoek van Papendrecht en bij Gorinchem. Daar tussen zijn, in de herfst en winter, meer dan 40.000 ganzenpassages per dag.
- Er zijn nu houtkachels CO2 neutraal. Gebruik het hout van geknotte bomen weer en leg kleine griendjes aan in overhoekjes en op landgoederen om de fossiele energie te sparen en de stookkosten te verminderen.
24. Mogelijk bio-energie centrales, die functioneren op mest. Hierin zijn nieuwe ontwikkelingen gaande.
25. Overheid en bewoners van de Alblasserwaard kunnen hun aandacht vestigen om het energieverbruik terug te dringen. Vooral de overdaad aan verlichting. Tijdens de oliecrisis was de verlichting (extreem) minder.
26. Gezondheid. Aandacht voor de fijnstof. Dit is van groot belang voor de bewoners tussen A15 en Merwede. De fijnste fijnstof wordt nog niet gemeten! Welke consequenties zal dit hebben?
27. Recreatie. Het uitbreiden van het Alblasserbos met een recreatiebos voor intensieve recreatie om in dit recreatiebos een struinbos, een mountainbike parcours, een cross terrein tegen de rijksweg, een spartelvijver, een theehuis, een golfbaan, een forse parkeerplaats en een parkachtig bos voor wandelaars op te nemen.
Het bovenstaande levert een Waard op, die geschikt is voor recreatie.
28. Tussen A15 en Betuwelijn in Hardinxveld-Giessendam een recreatiegebied inrichten met camping(s) e.d .
29. Verbetering en aanleggen van wandel- en fietspaden, alsmede het up to date houden van de routes.
30. Organisatie. De gemeenten van de Alblasserwaard moeten over hun grenzen heen gaan kijken. Het liefst één gemeente voor het buitengebied, daar beleid bepalen en uitvoeren.
De controle op het gebied wordt nu praktisch niet uitgevoerd. Als men regels stelt moeten deze gecontroleerd worden. Wetten zonder toezicht op de naleving werken niet.
Waar mogelijk de moderne technologie inroepen zoals: d.m.v. luchtfoto’s inzake verrommeling, oneigenlijk gebruik van gronden, illegale bouw- en landschapselementen.
31. Een oplossing zoeken voor het uit de bouwstrook plaatsen van boerderijen.
32. Onderzoek van agrarische vee bedrijven in natuurgebieden, zoals in de Hoeksewaard.
33. Onderzoek naar het kweken van algen.
34. Onderzoek inzake de natte as.
35. Compensatie controle voor de daling van de grondprijs voor natuurgebieden versus het vestigen van 3 woonelementen en fiscale voordelen middels de natuurschoonwet.
Alle inwoners van de Alblasserwaard dienen zich in te zetten voor het behoud en de verbetering van de Alblasserwaard.
MORGEN IS HET TE LAAT!
Op deze kaart is een schets, zoals de Natuur en Vogelwacht denkt over de invulling van de Alblasserwaard met Rietvelden, vogelweidegebieden, uiterwaarden voor de rivier, intensieve recreatie bij Papendrecht en Hardinxveld-Giessendam e.a.. Voor nadere informatie zie onze Website/planologie/laatste werkstuk."
Wij adviseren u van het buitengebied een inrichting te laten ontwerpen tot 2050, door b.v. een universiteit. Dit ontwerp, na inspraken etc. als een plan in te laten tekenen op de kaart van de Alblasserwaard. Per aanpassing het jaar van aanvang en beëindiging opnemen. Uiteraard dient per 5 jaar gecontroleerd te worden of het plan functioneert en waar het moet worden bijgesteld. Dan zijn alle bedrijven en bewoners van de Waard op de hoogte wat het beleid is voor de toekomst. Wat ons betreft een agrarische- en natuurrijke Alblasserwaard!
Aftiteling van de film
EINDE VERSLAG