Flyer

Flyer voor B&W, Raadsleden en Ambtenaren inzake onze visie over toekomst van de Alblasserwaard.  

Hoe was het?

De Alblasserwaard is 700 jaar geleden volledig in “cultuur”gebracht.  In 2/3 van het grondgebied was “natuur” noodgedwongen een bijproduct t.w.  hooilanden, grienden en eendenkooien e.a. Dit was de natuurcultuur”.

Hoe is het?

De laatste 50 tot 100 jaar is deze natuurcultuur omgezet naar cultuur. Het waterprobleem is opgelost door gemalen en het mestprobleem door kunstmest. De 33% weiland is uitgebreid tot 100%. Deze bestaan uit één soort gras van de hoogste kwaliteit, dus hoogste melkopbrengst en  laagste prijs. De natuurcultuur  is praktisch verdwenen.

Hoe wordt het?

De agrariër krijgt de komende jaren problemen te verwerken. De EU wil af van de 40% landbouwsubsidie. De vrije wereldhandel zal in 2013 gerealiseerd worden (concurrentie van goedkope grond en arbeidskrachten). Verdeling van een bedrijf tussen de kinderen leiden tot grote schulden voor nieuwe eigenaar. Indien het rentepercentage gaat stijgen, wordt de last erg hoog. Buiten het randstadgebied zijn landerijen goedkoper. De laatste 10 jaar is 40% van de agrariërs gestopt. Hoelang kunnen zij de grond nog verkopen aan andere agrariërs? Wat kan de agrariër hier tegen doen? Andere bedrijfsuitoefening (opslag, transport e.d.) leiden tot verrommeling. Daarbij komt, dat de intensieve veehouderij leidt tot verdere inklinking (zakken) van de grond met ca. 1 meter per 100 jaar. In 1740 stond het water 4,5 meter boven het huidige maaiveld. Wij zullen nog 10 meter zakken. Wat zijn de consequenties hiervan?

Hoe kan het?

De burgemeesters, wethouders, raadsleden en ambtenaren zijn verantwoordelijk voor het inrichten van de Waard. U bepaalt het beleid. Als u geen beleid bepaalt leidt dit tot verrommeling en uiteindelijk volbouwen van de Waard.

Er is o.i. behoefte aan recreatie voor de inwoners van de Waard en de Randstad. Maar dan moet de Waard ze ook echt wat bieden. Hieraan is te verdienen, echter het zal ook de nodige inspanningen vragen en kosten meebrengen. Wij hebben alle buitengebieden van uw gemeenten bezocht. Wij hebben u een brief geschreven inzake de inrichting en verrommeling. Wij hebben hieruit en uit de aan u gezonden Visie Gebiedsinrichtingsplan “De Alblasserwaard” (maart 2005) de kernpunten verzameld. Deze kunnen, na uw onderzoek en bestudering, als beleid dienen. Zij kunnen een geheugensteun zijn, voor het beleid in het buitengebied. Een kaart van de Waard waarop onderstaande elementen zijn ingetekend is aanwezig op ons centrum. Dit is een probleem voor alle gemeenten van de Waard.

(Hoe) wilt u het?

1.       Agrariërs kunnen, naast veehouderij, na een opleiding, in deze visie belangrijke taken uitvoeren inzake veranderingen van de inrichting en dienstverlening aan: mogelijke invoering van de rietteelt, landgoederen, natuurterreinen, extensieve recreatie en het aanbieden van streekeigen producten. Deze diensten moeten leiden tot een acceptabel inkomen voor de agrariërs voor nu en in de toekomst. Derhalve dienen in contracten en subsidies met de overheid en organisaties een lange looptijd van ca. 25 jaar te worden afgesproken. Immers natuurbescherming in een natuurgebied loopt ook over een lange termijn.

 

2.       Niet bouwen langs on- en schaars bebouwde ruilverkavelingwegen, dit is een recht van 30 jaar geleden o.a. de Geerweg te Graafstroom. Dit recht moet worden afgestemd op de huidige situatie.

 

3.       Bouwen van oost naar west in de bouwstrook, zo dicht mogelijk bij de weg. Het pand dient een boerderijachtige uitstraling (Platteland uitstraling) te hebben. Schuren naast elkaar niet achter elkaar. (bescherming Openheid)  Veel nieuwe boerderijen voldoen hier niet aan. Met een goede beplanting kan de rommel op boerderijen en de bouwstijl enigszins worden gecamoufleerd.

 

4.       Het weidegebied zo goed mogelijk bewaren. Geen maïsteelt, maar b.v. een kruidige vegetatie voor speciale kaas,  zoals b.v.  in Frankrijk.

 

5.       Rietteelt geconcentreerd in een deel van de Waard. Hier zijn door waterverhoging (tegen inklinking), waterberging (behoefte), waterzuivering (drinkwater), bio-energie en natuur, resultaten te behalen.

 

6.       Nieuwe bewoning door particulieren en dienstverlenende bedrijven (architecten, accountantskantoren e.d.).  Zij kunnen in het buitengebied een oude boerderij kopen of in de bouwstrook een boerderijachtig pand bouwen met de verplichting een landgoed te stichten. Maximaal 3 wooneenheden zijn toegestaan op 1 ha land. De overige 4 ha dient te worden afgeplagd en als hooiland te worden ingericht. Dit hooiland wordt zichtbaar voor de recreant. Dit is een uitstekend flora- en weidevogelgebied. Met de afgeplagde grond kunnen de weiden worden opgehoogd. De totale waterstand kan hoger worden gesteld. (zie kaart op centrum). Geen woonhuizen en villa’s, maar gebouwen met een boerderijachtige uitstraling .

 

7.       Naast de bewoning in de bebouwde kom, vindt bewoning plaats in het buitengebied, door particulieren. Langs dijken, rivieren (Alblas, Giessen) in oude boerderijen en buurtschappen. Ook deze bewoners dienen bij te dragen als bovengenoemde particulieren en bedrijven. Immers zij profiteren van het buitengebied.

 

8.       De huidige transport-, ambachtelijke- en industriële bedrijven niet meer in het buitengebied, maar op industrieterreinen vestigen en waar mogelijk aan de west en zuidzijde van de Alblasserwaard. De wegen zijn voor het vervoer voor dit soort bedrijven niet geschikt, zowel qua capaciteit als kwaliteit .

 

9.       Men is geneigd diep het openland in te bouwen o.a. volkstuinen en maneges e.d. Het is beter meer naast elkaar te bouwen, dan achter elkaar. (bedreiging Openheid)

 

10.     Behoud landschapselementen. Het archiveren, subsidiëren, bewaken en waar mogelijk herstellen en uitbreiden van landschapselementen: het slagenlandschap (sloten zijn vaak 700 jaar oud en zijn dus historische monumenten, deze worden ernstig bedreigd), donken, stroomruggen, boezemgebieden, eendenkooien, tiendwegen, pestbosjes, wielen, hoogstam fruitboomgaarden, geriefbosjes, hooilandjes en terrasoevers.

 

11.     Hetzelfde geldt voor de historische elementen, zoals molens, gemalen, boerderijen, kerken, gebouwen en archeologische monumenten.

 

12.        Natuur, water en wegen. Voldoende ganzenfoerageergebieden in het centrale deel en de noord- en de zuidrand. (zie kaart op centrum)

 

13.     Voldoende weidevogelgebieden met een ander bemesting- en maaibeheer, plas dras en een andere vegetatie t.b.v. van het insectenleven. Dit is voedsel voor de jonge weidevogels. (zie kaart op centrum)

 

14.     De EHSen (Ecologische Hoofd Structuren), dit zijn verbindingswegen tussen de natuurreservaten. Deze ruimer opzetten en ook geschikt maken voor bevers, otters en reeën. (zie kaart op centrum) Elke weg voor de mens is een versperring voor de dieren, probeer dit op te lossen

 

15.     Een robuuste Merwezone voor waterberging en zuivering ten noorden van de Betuwelijn met koppeling naar de Biesbosch. Inrichten met rietvelden, hooilandjes etc. voor natuur met toegang voor extensieve recreatie.

 

16.     Het boezemgebied Kinderdijk is tevens een belangrijk natuurgebied. Dit boezemgebied aan de oostzijde uitbreiden. In een groter natuurgebied nemen het aantal dieren kwadratisch toe.

 

17.     Het herinrichten van het boezemgebied bij Streefkerk en het uitbreiden van het Zouwegebied westwaards.

 

18.     Natuurgebieden van SBB uitbreiden o.a. bij de Donk van Brandwijk, zowel aan de oost- als aan de westzijde.

 

19.     Herinrichting van de oude Hollandse waterlinie.

 

20.     De N214 herinrichten. De rijen bomen vervangen door bossages, struikgewas en openstukken, voor doorzicht noord naar zuid. Dit betreft de openheid van de Alblasserwaard. Tevens is dit een verbindingsweg voor de reeën. Voor de andere wegen in de Waard geldt hetzelfde, in het bijzonder de noord/zuid wegen.

 

21.        De uiterwaarden zoveel mogelijk teruggeven aan de natuur (plan Ooievaar 1985). Geen woningbouw en campings. Alleen gevestigde industrie, die hun bulkgoed over water laten vervoeren kunnen daar, om praktische reden, gevestigd blijven.

 

22.     Het bovenstaande heeft tot gevolg het intensivering van de bebouwing aan de zuid- en westzijde van de Alblasserwaard. De A15 is de grens tussen randstad en het buitengebied. Ten noorden van A15 dient een afscherming te worden aangelegd met bossages, weitjes, hooiland, moerasjes e.d., daar  niet bouwen.

 

23.     Energie. Het zoekgebied voor windmolens ligt in de noordwest hoek van Papendrecht en bij Gorinchem. Daar tussen zijn, in de herfst en winter, meer dan 40.000 ganzenpassages per dag.

 

24.     Mogelijk bio-energie centrales, die functioneren op mest. Hierin zijn nieuwe ontwikkelingen gaande.

 

25.     Overheid en bewoners van de Alblasserwaard kunnen hun aandacht vestigen om het energieverbruik terug te dringen. Vooral de overdaad aan verlichting. Tijdens de oliecrisis was de verlichting (extreem) minder.

 

26.     Gezondheid. Aandacht voor de fijnstof. Dit is van groot belang voor de bewoners tussen A15 en Merwede. De fijnste fijnstof wordt nog niet gemeten. Welke consequenties zal dit hebben?

 

27.     Recreatie. Het bovenstaande levert een Waard op, die geschikt is voor recreatie. Tevens uitbreiding van het Alblasserbos met een recreatiebos. Hierin opnemen een struinbos, een mountainbike parcours een spartelvijver, een theehuis, een golfbaan een forse parkeerplaats en een parkachtig bos voor wandelaars.

 

28.     Tussen A15 en Betuwelijn in Hardinxveld-Giessendam een recreatiegebied inrichten met camping(s) e.d .

 

29.     Verbetering en aanleggen van wandel- en fietspaden, alsmede het up to date houden van de routes.

 

30.     Organisatie. De gemeenten van de Alblasserwaard moeten over hun grenzen heen kijken. Het liefst één gemeente voor het buitengebied. Beleid bepalen en uitvoeren. De controle op het gebied d.m.v. luchtfoto’s inzake verrommeling, oneigenlijk gebruik van gronden,  illegale bouw- en landschapselementen.

©Natuur en Vogelwacht de "Alblasserwaard". Webadres: http://www.nvwa.nl