Aandacht voor dierenwelzijn bij hoge temperaturen

De NVWA krijgt veel vragen over diertransporten en het welzijn van dieren tijdens hoge temperaturen. De norm dat dieren niet mogen worden vervoerd bij temperaturen boven de 35 graden is door de sectorpartijen in het Nationaal plan voor veetransport bij extreme temperaturen 2017 opgenomen. Het nationaal plan is opgesteld door Vee & Logistiek Nederland, Transport en Logistiek Nederland (TLN), Centrale Organisatie voor de Vleessector (COV), Koninklijke Nederlandse Slagers (KNS) / Vereniging van Zelfslachtende Slagers (VZS) en VION. Daarnaast zijn er nog een aantal andere protocollen, onder andere voor het vervoer van pluimvee.

NVWA controle bij veevervoer

Inspecteurs van de NVWA handhaven op basis van de Transportverordening en op basis van de algemene regels voor dierenwelzijn (Wet Dieren). Voor lange afstandstransporten is de wettelijke norm 30 graden in de wagen met een uitloop van +/- 5 graden. Dat betekent dat bij langdurig transport de norm van 35 graden ín het vervoersmiddel geldt. Bij overige transporten kijken inspecteurs naar de omstandigheden van de dieren. Bij alle transporten geldt dat er handhavend wordt opgetreden als het welzijn van de dieren aangetast wordt. Het welzijn van dieren kan ook bij temperaturen onder de 35 graden in het geding zijn, daarom heeft de NVWA de afgelopen weken ook al extra gecontroleerd bij temperaturen boven de 27 graden.

Hobbydierhouders en evenementen

Ook voor vervoer van dieren door hobbydierhouders en vervoer van paarden naar evenementen zijn de dierenwelzijnsregels van toepassing. Er is geen specifieke regelgeving die het organiseren van evenementen bij bepaalde temperaturen verbiedt, maar houders van dieren en organisatoren moeten tijdens evenementen natuurlijk wel zorgen dat de regels voor dierenwelzijn nageleefd worden (voorkomen van hittestress, zorgen voor voldoende verkoeling en voldoende drinkwater, etcetera). Het is dus de verantwoordelijkheid van houders en organisatoren van evenementen om te beoordelen of een evenement op verantwoorde wijze door kan gaan.

Dieren in de wei of op stal

Houders van dieren hebben ook de verplichting hun dieren te beschermen tegen extreme weersomstandigheden. Bijvoorbeeld door bij hoge temperaturen beschutting te bieden tegen felle zon. Ook moeten de dieren de beschikking hebben over voldoende water om te drinken. Stallen voor  pluimvee en varkens zijn in de regel geïsoleerd en uitgerust met ventilatiesystemen. Deze moeten ook bij extreme temperaturen in staat zijn de temperatuur in de stal binnen aanvaardbare grenzen te houden. De NVWA ontvangt momenteel veel meldingen over mogelijke hittestress bij dieren in de wei of op stal. Deze meldingen worden op risico geanalyseerd. Als naar het oordeel van de inspecteur het dierenwelzijn (mogelijk) in het geding is, kan de houder van de dieren telefonisch gemaand worden maateregelen te treffen. Indien noodzakelijk kan de NVWA een inspectie uitvoeren.