Publicatie NVWA-rapport ‘Risicobeoordeling van voedselbosbouw als introductieroute voor invasieve plantensoorten’

Onderzoek in 14 voedselbossen wijst uit dat meer dan 80% van de uitgeplante soorten uitheems is. Bij de keuze van de soorten wordt niet of nauwelijks gekeken naar de potentiële effecten op de biodiversiteit in de omgeving. Verder blijkt dat er meerdere soorten zijn aangeplant die kunnen verwilderen en dan een negatief effect kunnen hebben op de biodiversiteit en op het functioneren van ecosystemen. Deze soorten zijn overigens niet specifiek voor voedselbossen, maar worden ook aangeplant of geteeld in bijvoorbeeld (moes)tuinen, arboreta en openbaar groen. Deze conclusies staan in het rapport Risicobeoordeling van voedselbosbouw als introductieroute voor invasieve plantensoorten dat onlangs is gepubliceerd.

Onderzoek

Voedselbossen combineren landbouw met natuur, en kunnen zo een meerwaarde opleveren voor de biodiversiteit. Ook kunnen ze worden gebruikt om andere maatschappelijke functies te vervullen, zoals educatie over duurzame voedselproductie en klimaatadaptatie. In Nederlandse voedselbossen worden veel uitheemse soorten aangeplant. Omdat niet bekend was welke soorten werden aangeplant en wat de mogelijke effecten daarvan waren, heeft de NVWA de Radboud Universiteit gevraagd om een risicobeoordeling uit te voeren.

Achtergrond

In Nederland neemt de belangstelling voor voedselbossen toe. Het hoofddoel van een voedselbos is voedselproductie, veelal voor de lokale markt. Dit gebeurt in een bosachtig ecosysteem met verschillende plantensoorten door elkaar en met meerdere vegetatielagen. Er zijn nu 88 voedselbossen in Nederland.

Meer informatie

Voor vragen over dit nieuwsbericht kunnen journalisten contact opnemen met het team persvoorlichting van de NVWA, (088) 22 33 700.

Consumenten en bedrijven kunnen contact opnemen met het Klantcontactcentrum via de website of 0900-03 88 (gebruikelijke belkosten).