Eénderde telers buitenteelt houdt zich niet aan regels bij toepassing gewasbeschermingsmiddelen

Telers van gewassen die in de openlucht worden geteeld, zoals akkerbouwgewassen, vollegrondsgroenten, fruitgewassen of sierteeltgewassen houden zich onvoldoende aan de regels voor het gebruiken van gewasbeschermingsmiddelen. Dat blijkt uit onderzoek van de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) in verschillende buitenteelten. De NVWA voerde in 2019 121 controles uit in de buitenteelten om te controleren of telers zich bij het bespuiten van de gewassen aan de regels houden. Dit was slechts bij 67% van de telers het geval. In 2016 was dit nog 80%.

Spuitbeeld zonder ingeschakelde kantdop.
©NVWA
Spuitbeeld zonder ingeschakelde kantdop. De spuitnevel van de buitenste dop gaat schuin opzij. Bij toepassing met een kantdop gaat de spuitnevel recht naar beneden.

De NVWA controleert of telers zich houden aan de wetgeving en gebruiksvoorschriften omdat het naleven van de regels belangrijk is voor de bescherming van mens, dier en milieu. De regels voor het gebruiken van gewasbeschermingsmiddelen zijn de afgelopen jaren strenger geworden. Zo moeten telers specifieke technieken toepassen om te voorkomen dat gewasbeschermingsmiddelen buiten het perceel terecht komen, bijvoorbeeld in het oppervlaktewater. Inspecteurs van de NVWA zien dat niet alle telers beschikken over de voorgeschreven technieken om deze driftreducerende maatregelen uit te voeren. Hierdoor ontstaan risico’s voor het milieu.

Driftreducerende maatregelen

De NVWA heeft in 2019 121 inspecties uitgevoerd bij bespuitingen in buitenteelten. Het ging hier om neerwaarts spuiten in akkerbouw, vollegrondsgroenten, bloembollen en vaste planten en op- en zijwaarts spuiten in fruit- en boomkwekerijgewassen. Bij 31% van de neerwaartse bespuitingen en bij 42% van de op- en zijwaartse bespuitingen werd een boeterapport of schriftelijke waarschuwing aangezegd voor één of meerdere overtredingen. Bij het merendeel van de overtredingen werd niet voldaan aan de vereiste driftreducerende maatregelen. Denk aan het gebruik van een kantdop langs oppervlaktewater of de minimaal vereiste driftreductie volgens het activiteitenbesluit milieubeheer of de wettelijke gebruiksvoorschriften van gewasbeschermingsmiddelen.

Vervolgaanpak

De lage naleving is voor de NVWA aanleiding om de oorzaken hiervan nader te onderzoeken, zodat de juiste instrumenten ingezet kunnen worden om de naleving te verhogen. Ondertussen gaan de inspecties in het veld door.

Meer informatie

Voor vragen over dit nieuwsbericht kunnen journalisten contact opnemen met het team persvoorlichting van de NVWA, telefoonnummer (088) 22 33 700.

Consumenten en bedrijven kunnen contact opnemen met het Klantcontactcentrum via de website of 0900-03 88 (gebruikelijke belkosten).