Toedienen antibiotica door veehouder: strikte voorwaarden

Vanaf 1 maart 2014 gelden strenge regels voor het gebruik van antibiotica in de melkveehouderij, de varkenshouderij, de vleeskalverhouderij, vleeskonijnenhouderij en voor vleeskuikens.

Alleen onder strikte voorwaarden mag de veehouder in deze sectoren onder de UDD-regeling nog zelf toedienen. Deze voorwaarden gaan over diergezondheidsmanagement en antibioticumgebruik. De eisen waaronder de veehouder zelf antibioticum mag toedienen en in voorraad heeft, moeten vastgelegd zijn in een overeenkomst tussen veehouder en dierenarts. De veehouder en dierenarts zijn verplicht de overeenkomst te melden.

Voor wie gelden de voorwaarden?

De voorwaarden gelden voor veehouders met meer dan:

  • 5 vleesvarkens
  • 5 melkkoeien
  • 5 vleeskalveren
  • 250 vleeskuikens of meer dan
  • 250 konijnen.

Houders met minder dan deze aantallen dieren, of met andere diersoorten zoals vleesvee, legkippen of schapen, mogen antibiotica die door de dierenarts is voorgeschreven op het bedrijf aanwezig hebben en toedienen op basis van het behandeladvies van de dierenarts, zonder verdere aanvullende voorwaarden.

Voorwaarden om als veehouder zelf antibiotica toe te dienen

De veehouder heeft een overeenkomst met 1 dierenarts (1 op 1 relatie). Alleen deze dierenarts mag antibiotica voorschrijven en achterlaten op het bedrijf. Noodzakelijke vervanging is mogelijk onder voorwaarden. De dierenarts is verplicht de overeenkomst te melden. Dit kan via bestaande databases van de kwaliteitssystemen of bij de NVWA via het aanmeldformulier.

  • In de schriftelijke overeenkomst staan afspraken over de zorg die de dierenarts verleent, het opstellen van een bedrijfsgezondheidsplan en bedrijfsbehandelplan, en hoe vaak de dierenarts het bedrijf bezoekt.
  • Het bedrijfsgezondheidsplan bestaat uit:
    • een analyse van de diergezondheidssituatie en inzet van diergeneesmiddelen;
    • een overzicht van maatregelen ter verbetering van de diergezondheidssituatie;
    • een beschrijving van de voorziening van de noodzakelijke vervanging van de dierenarts.
  • Het bedrijfsbehandelplan bestaat uit:
    • een bedrijfsspecifiek overzicht van mogelijk voorkomende aandoeningen en ziekten en hoe die worden behandeld, inclusief de keuze van de diergeneesmiddelen.
  • Deze documenten zijn onderdeel van de overeenkomst tussen veehouder en dierenarts .
  • In de analyse van de bedrijfsgezondheid wordt ieder jaar de gezondheidssituatie van de dieren op het bedrijf beschreven. Het medicijngebruik in het afgelopen jaar is daarvan ook onderdeel.
  • Het bedrijfsgezondheidsplan bevat concrete maatregelen voor het terugdringen van antibioticumgebruik, met een uitvoeringstermijn en een reductiedoelstelling.
  • De in het bedrijfsbehandelplan voorgeschreven handelwijze bij aandoeningen en ziekten moet passen binnen de kaders van veterinaire richtlijnen en formularia die in ontwikkeling zijn. Voor zover bijsluiters geen eenduidige instructie voor de toedieningswijze bevatten, voorziet het bedrijfsbehandelplan daarin.
  • Het diergezondheidsmanagement wordt volgens het bedrijfsgezondheidsplan en bedrijfsbehandelplan uitgevoerd.
  • In de overeenkomst is een periodiek bedrijfsbezoek vastgelegd (met een minimale frequentie per sector). Daarbij beoordeelt de dierenarts de gezondheidstoestand van de dieren en het gebruik van antibiotica sinds het laatste periodieke bedrijfsbezoek en maakt daarvan een verslag.
  • De veehouder en dierenarts evalueren jaarlijks de gezondheidssituatie op het bedrijf, inclusief de reductiedoelstelling en stellen het bij. Het evaluatieverslag wordt door beiden ondertekend.
  • De overeenkomst tussen veehouder en dierenarts kan worden opgezegd via het afmeldformulier. Bij het sluiten van een nieuwe overeenkomst wordt het bedrijfsgezondheidsplan en verslagen van de periodieke bezoeken overgedragen aan de nieuwe dierenarts. Daarbij wordt de reden voor het verbreken van de oude overeenkomst door de dierenarts in het bedrijfsgezondheidsplan vermeld.

Daarnaast gelden voorwaarden wat betreft het aanwezig hebben en mogen toedienen van specifieke middelen.