Voorwaarden onthuiden dode dieren door pelzerij

Gedode pelsdieren worden beschouwd als dierlijke bijproducten (categorie 2-materiaal).

Erkenning aanvragen

Voor het onthuiden van de dode dieren moet een pelzerij een erkenning van de NVWA hebben voor het hanteren en/of opslaan van categorie 2-materiaal dierlijke bijproduct. Dat is verplicht volgens artikel 24 (h en i) van Verordening (EG) nr. 1069/2009, Verordening dierlijke bijproducten).

Aanvragen erkenning bij de NVWA

Na het onthuiden van de dode dieren mogen de pelzen verder worden verhandeld en bewerkt als categorie 3-materiaal dierlijke bijproducten. De onthuide kadavers blijven categorie 2-materiaal. Afvoeren van dat materiaal naar Rendac is verplicht.

Registreren

Bedrijven die pelzen drogen moeten zich registreren bij de NVWA volgens artikel 23 van Verordening (EG) nr. 1069/2009 (Verordening dierlijke bijproducten). Meer informatie hierover op de pagina Registratie verordening dierlijke bijproducten.

Nertsenhouders die hun eigen gedode pelsdieren naar een erkende pelzerij vervoeren moeten zich houden aan de regels voor het vervoeren van dierlijke bijproducten. Zij hoeven zich hiervoor niet te laten registreren als transporteur (Verordening (EG) nr. 1069/2009, artikel 23). Ook erkende pelzerijen die gedode nertsen ophalen om ze in hun eigen bedrijf te pelzen hoeven zich niet te laten registreren als transporteur. In beide gevallen ziet de NVWA het vervoer als nevenactiviteit.

Transportbedrijven die in opdracht van een nertsenhouder of pelzerij gedode nertsen vervoeren naar een erkende pelzerij moeten zich wél laten registreren als transporteur (artikel 23 van Verordening (EG) nr. 1069/2009) Registratie verordening dierlijke bijproducten.

Meer informatie