Fraudezaak vleesgroothandel Willy Selten (2013-2016)

Lijst directe en indirecte afnemers vleesgroothandel Selten in Oss, periode 1 januari 2011 – 13 februari 2013 (+ lijst producten waar vlees van Selten in is verwerkt en ondernomen acties betrokken afnemers)

Openbaarmaking van de naam en adresgegevens is een gevolg van een uitspraak van de rechtbank Amsterdam op 2 december 2015 over een WOB-verzoek van Foodwatch.

De rechtbank in Den Bosch veroordeelde Willy Selten op 7 april 2015 tot 30 maanden gevangenisstraf. Op 24 maart 2015 begon de rechtszaak tegen Willy Selten. De officier van justitie eiste 5 jaar gevangenisstraf tegen de vleeshandelaar. Het OM vindt namelijk dat door zijn handelswijze op grove wijze het vertrouwen van de consument in de veiligheid en kwaliteit van vlees is geschonden.

Verloop fraudezaak

Als begin 2013 paarden-DNA wordt aangetroffen in rundvleesburgers in het Verenigd Koninkrijk en Ierland start de NVWA in 2013 een onderzoek naar het frauderen met paardenvlees. Uit het strafrechtelijk onderzoek dat volgt, komen misstanden bij Vleesgroothandel Willy Selten uit Oss aan het licht. Van het uitgeleverde verwerkte vlees over de periode 1 januari 2011 tot en met 15 februari 2013 was de herkomst van het vlees onduidelijk. Uit voorzorg hebben alle 132 Nederlandse afnemers van het bedrijf opdracht gekregen binnen 2 weken duidelijk te maken aan wie zij het vlees hebben geleverd en waar het vlees in verwerkt zit. Onder de afnemers bevonden zich verder 370 bedrijven uit 15 verschillende Europese lidstaten. De NVWA heeft via het Rapid Alert System for Food en Feed (RASFF) de betrokken EU-lidstaten op de hoogte gebracht van de recall en hen gevraagd om de afnemers in deze landen te informeren. Naar schatting ging het om in totaal ongeveer 50.000 ton vlees.

Vlees dat Selten in het voorjaar van 2013 op voorraad had in koel- en vrieshuizen werd door de NVWA geblokkeerd. Reden voor deze inbewaringneming was dat de herkomst, traceerbaarheid en de identificatie van het vlees niet kon worden aangetoond. Onafhankelijk adviesbureau PricewaterhouseCoopers (PwC) heeft dit eind 2013 na onderzoek bevestigd. Ook constateerde PwC dat door Selten veel meer partijen vlees zijn verkocht dan ingekocht zodat er sprake is van een ongedocumenteerde vleesstroom. Dit vlees kan in alle partijen terecht zijn gekomen waardoor ook het diergeneesmiddel fenylbutazon in deze vleesstroom kan zitten. Om te voorkomen dat de consument wordt blootgesteld aan onveilige levensmiddelen blijft het vlees in bewaring.
Meer informatie over onderzoek naar de microbiologische risico’s en de mogelijke aanwezigheid van diergeneesmiddelen, in het bijzonder fenylbutazon.

De curator van het failliete bedrijf Selten spande eind 2013 een voorlopige voorziening ( bestuursrechtelijk kort geding ) aan tegen de NVWA om het vlees alsnog te mogen verhandelen. Het College van Beroep voor het bedrijfsleven besloot op 20 december 2013 dat de partij vlees onder officiële inbewaringneming ( beslag ) zou blijven. Het vlees mag niet in handel worden gebracht voor humane consumptie. Het is aan de curator om te beslissen wat er uiteindelijk met de partij vlees moet gebeuren. Uitspraak College van Beroep voor het bedrijfsleven (20 december 2013).

Meer informatie over het onderzoek door bureau Risicobeoordeling & onderzoeksprogrammering (BuRO) naar de mogelijke risico’s van paardenvlees voor de volksgezondheid. Specifiek naar de microbiologische risico’s en de mogelijke aanwezigheid van diergeneesmiddelen, in het bijzonder fenylbutazon.

Rapportage EZ en VWS aan Tweede Kamer