Aanbieden voerbalen met plastic aan dieren niet toegestaan

Inspecteurs van de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) komen - vooral bij pluimveehouders - steeds vaker tegen dat voerbalen, waar het plastic nog (deels) omheen zit, worden aangeboden aan dieren. Dit is niet toegestaan.

De veehouder doet dit vaak om het voer zo langer schoon te houden. Misschien een begrijpelijke keuze, maar beseft moet worden dat plastic een schadelijk materiaal is. Het aanbieden van diervoeder inclusief de plastic verpakking aan dieren is daarom niet toegestaan. Ook omdat er een risico is dat het materiaal of stoffen daaruit na opname door het dier terecht komt in de voedselketen.

Wetgeving

Veehouders moeten voldoen aan Verordening 183/2005. In bijlage III van deze verordening staat dat bij voedersystemen en installaties het gevaar van verontreiniging van voeder tot een minimum moet worden beperkt. Plastic om voerbalen beperkt de verontreiniging wel, maar het is niet de bedoeling dat de dieren dit plastic ook kunnen opeten.

Veehouders moeten daarnaast voldoen aan de Wet dieren en het Besluit houders van dieren. Hierin staan onder andere de regels voor de gezondheid en het welzijn van dieren. Het College van Beroep voor het bedrijfsleven heeft in maart van dit jaar in een uitspraak geoordeeld dat de dieren in betreffende casus door de aanwezigheid van plastic bij hun voer, gelet op het gezondheidsrisico dat hiervan uitgaat, worden benadeeld in hun gezondheid en welzijn.

Voedselketen

Pluimvee pikt aan het plastic rond voerbalen en krijgt dan in meer of mindere mate ongewenste materialen binnen. Ook bij het verstrekken van voerbalen met plastic aan andere diersoorten kan plastic worden opgegeten. De dieren kunnen hier negatieve gevolgen van ondervinden.

Afhankelijk van de stoffen in het plastic kan dit ook risico's voor mensen met zich meebrengen. Producten van dieren komen immers terecht in de menselijke voedselketen. Plastic kan bijvoorbeeld dioxines, PCB's (polychloorbifenyl) en PAKs (polycyclische aromatische koolwaterstoffen) bevatten; dat hoopt zich na opname in het vet van een dier op. Zo kan dit tot een onveilige situatie voor mensen leiden.

Handhaving

Wanneer een NVWA-inspecteur plastic om voerbalen die toegankelijk zijn voor dieren aantreft, treedt hij handhavend op en wijst de veehouder op de gevaren voor mens en dier. Later volgt een hercontrole om vast te stellen dat het plastic uit de stal is gehaald.

Meer informatie

Voor vragen over dit nieuwsbericht kunnen journalisten contact opnemen met het team persvoorlichting van de NVWA, telefoonnummer (088) 22 33 700.

Consumenten en bedrijven kunnen contact opnemen met het Klantcontactcentrum of 0900-03 88 (gebruikelijke belkosten).