De NVWA heeft bij één van de bedrijfslocaties die wordt gemonitord Scirtothrips dorsalis (East Asia 1) buiten aangetroffen. De vondst is gedaan op een vangplaat en op drie plantenpartijen eronder. De bron van deze vondst is nog onduidelijk. Dit is de eerste keer in Nederland dat de bron van een Scirtothrips dorsalis besmetting niet direct te herleiden is naar een (recente) introductie.
Meer onderzoek
Deze ontwikkeling vergroot de onzekerheid over de verspreiding van Scirtothrips dorsalis in Nederland. De NVWA onderzoekt of deze trips in de buitenteelt heeft kunnen overwinteren of dat er sprake is van een andere manier van introductie. Het is mogelijk dat het plaagorganisme op meer locaties aanwezig is dan momenteel bekend.
Er zijn op dit moment meerdere gecontroleerde uitbraken van Scirtothrips soorten in Nederland, maar er zijn geen aanwijzingen voor vestiging. De komende periode voert de NVWA onderzoek uit om een beter beeld te krijgen van de situatie.
De NVWA blijft samen met de plantaardige keuringsdiensten, de sectororganisaties en andere EU-lidstaten de situatie monitoren en waar nodig maatregelen nemen om verdere verspreiding te voorkomen.
Wat kunt u doen?
De NVWA vraagt bedrijven en sectorpartijen om:
- alert te zijn op symptomen van trips, met name op risicovolle plantensoorten
- alert te zijn bij import en handel van planten uit landen waar Scirtothrips voorkomt
- verdenkingen en vondsten te melden bij de NVWA
Maatregelen
Bij vondsten legt de NVWA maatregelen op. In de bedekte teelt kan bestrijding in sommige gevallen plaatsvinden met gewasbeschermingsmiddelen volgens een strikt schema. In de buitenteelt is vernietiging van besmette planten op dit moment de enige optie. In beide gevallen volgt er een monitoringsperiode om vast te stellen dat het bedrijf weer vrij is van het plaagorganisme.
Vroege signalering is hierbij belangrijk. Wanneer partijen bij binnenkomst worden gecontroleerd en gescheiden worden gehouden van andere partijen (minimaal één meter), kan de omvang van de besmetverklaring en de daaropvolgende maatregelen worden beperkt. Bedrijven kunnen op deze manier uitbraken op hun teeltlocaties en in hun kascomplexen voorkomen.