Zijn aardappelen geteeld op een met aardappelmoeheid (AM) besmetverklaard terrein? En worden ze niet rechtstreeks verkocht aan consumenten, of aan veehouders als veevoer? Dan mogen de aardappelen alleen verwerkt worden door bedrijven die erkend zijn. Op deze pagina leest u meer over de eisen voor een erkenning als verwerker aardappelen van AM-besmette grond. En hoe u deze erkenning aanvraagt.

Niet erkend is niet verwerken

Bent u als aardappelverwerker niet erkend? Dan mag u geen aardappelen verwerken die afkomstig zijn van percelen waarop een AM-besmetverklaring rust.

Enerzijds beperkt dit de afzetmogelijkheden van de telers, het beperkt u ook bij de aankoop van partijen aardappelen. Veel besmet verklaarde terreinen omvatten slechts een gedeelte van een perceel en daarmee in veel gevallen ook een deel van de partij. Ook worden de opbrengsten bijgevoegd bij partijen van vrije terreinen. Dit betekent dat vrijwel altijd geldt dat de gehele partij niet verwerkt mag worden.

Erkenning aanvragen

Heeft u een aardappelverwerkend bedrijf? Dan moet u bij ons een erkenning aanvragen voor de manier waarop u tarragrond en andere plantenresten afzet. Aardappelverwerkende bedrijven zijn bedrijven die aardappelen bewerken en verwerken tot aardappelproducten, of aardappelen sorteren en verpakken.

Zet hiervoor de volgende stappen.

  1. Zorg dat u minimaal 1 methode heeft voor het juist verwerken van aardappeltarragrond en andere plantenresten.
  2. Zorg dat u voldoet aan zowel de algemene voorwaarden als de aanvullende eisen. U vindt deze onderaan deze pagina.
  3. Vraag bij ons aan een erkenning aan met het formulier Aanvragen erkenning verwerker aardappelen van AM-besmette grond.
  4. Wij nemen contact met u op.
  5. Wij controleren of uw bedrijf aan de eisen voldoet.
  6. Als we uw aanvraag hebben goedgekeurd krijgt uw bedrijf een erkenning en komt het te staan in het Register erkende verwerkers aardappelen van AM-besmette grond. Dit betekent dat u tarragrond mag verwerken.

Ik heb meerdere locaties

Heeft u meer dan één bedrijfslocatie, dan moet u per locatie een formulier invullen. Hiervoor is het nodig dat al deze locaties staan ingeschreven bij KVK. Per locatie zal uw bedrijf opgenomen worden in het register erkende aardappelverwerkende bedrijven.

Juiste manieren van verwerken van aardappeltarragrond

Er zijn meerdere afzetmethodes waarmee u kunt voldoen aan de eisen voor de verwerking van tarragrond. U vindt deze methodes ook in de aanvullende eisen.

1. Afzet tarragrond naar gebruiker van perceel landbouwgrond

U kunt een overeenkomst sluiten met een gebruiker van een perceel landbouwgrond om de tarragrond rechtstreeks van uw bedrijf naar dat perceel af te zetten. Per perceel is maar 1 aardappelverwerker toegestaan.

  • Hiervoor moet de grondgebruiker het perceel bij ons melden. Dit is bijvoorbeeld de eigenaar of een langdurig gebruiker. U kunt de grondgebruiker hiervoor verwijzen naar onze informatie.
  • Wij verklaren na de ontvangst van de melding het perceel grond ‘besmet met aardappelmoeheid’. Het gaat om het hele geografische perceel. Dit is een aaneengesloten stuk grond, begrensd door openbare wegen, waterlopen, dijklichamen, boomsingels, of andere natuurlijke begrenzingen.
  • De gebruiker van de grond ontvangt een AM-besmetverklaring van ons. De verwerker die op het formulier van de melding van het perceel wordt genoemd, ontvangt bericht over de besmetverklaring en het AM-besmetverklaringsnummer. In dit scenario zou u dit zijn.
  • Een erkende verwerker kan zijn tarragrond vervolgens afzetten naar dit landbouwperceel, zodra het AM-besmetverklaringsnummer bekend is.

U houdt vervolgens een administratie bij over de dagelijkse of periodieke afvoer van tarragrond naar dit perceel met vermelding van het AM-besmetverklaringsnummer.

2. Afzet van tarragrond naar locatie buiten de landbouw.

U kunt een overeenkomst sluiten waarbij de tarragrond rechtstreeks en definitief wordt afgezet naar een locatie die permanent niet in gebruik is voor de landbouw. Dit moet u bij ons aantonen op basis van overeenkomsten en registraties. In de praktijk gaat dit soms via een grondbank. Fysiek of met de grondbank als intermediair.

U houdt vervolgens een administratie bij van de dagelijkse of periodieke afvoer van de aardappeltarragrond.

3. Behandelen van tarragrond voorafgaand aan afzet in of buiten de landbouw.

U kunt werken met vloeivelden en onderwaterzetting. Het aardappelcystenaaltje overleeft een langdurige onderwaterzetting niet. Daarom zal de grond daarna vrij zijn van een levende besmetting.

Wij beoordelen een vloeiveld per situatie. Daarnaast kunnen we u vragen om de doding van de cysten te onderbouwen met resultaten van grondonderzoek. De grond kan zowel binnen als buiten de landbouw worden afgezet.

Algemene voorwaarden en aanvullende eisen

Bekijk hier de algemene voorwaarden en aanvullende eisen voor een erkenning verwerker aardappelen van AM-besmette grond.