Ieder levensmiddel moet een benaming hebben. De benaming kan anders zijn dan de naam (zoals een handelsnaam) van het levensmiddel, die vaak groot op de voorzijde van de verpakking staat. De benaming van een voorverpakt levensmiddel maakt voor de consument duidelijk om wat voor product het gaat. Welke benaming kiest u voor uw product?
Bij sommige producten moet u een wettelijk verplichte benaming gebruiken, zoals bij chocola of koffie. Bij andere producten kunt u een benaming kiezen die gebruikelijk is, zoals tompouce of bitterbal. U kunt ook kiezen voor een benaming die het product beschrijft, zoals ‘pinda’s in een krokant jasje met hartige smaak’.
Een naam kiezen in 4 stappen
Welke benaming kiest u voor uw product? In het kort kunt u als volgt te werk gaan:
- Kijk in de wet of er een verplichte wettelijke benaming is. In dat geval moet u deze benaming gebruiken.
- Kijk in de wet of er een niet-verplichte wettelijke benaming is. Bepaal of u deze benaming kan en wil gebruiken.
- Is er geen wettelijke benaming? Kijk dan of er een gebruikelijke benaming is.
- Is er geen gebruikelijke benaming of wilt u die niet gebruiken? Gebruik dan een beschrijvende benaming.
Uitleg 4 stappen
Nu volgt een uitleg van deze 4 stappen.
Een wettelijke benaming is gedefinieerd in Europese of nationale regelgeving. Kijk in de tekst van de regelgeving of de wettelijke benaming verplicht is. Staat er bijvoorbeeld in de tekst ‘deze benaming mag uitsluitend en moet worden gebezigd’? Dan moet u de wettelijk verplichte benaming gebruiken. Dat is bijvoorbeeld het geval bij chocola of koffie.
Staat er in de tekst van de regelgeving bijvoorbeeld ‘deze benaming mag uitsluitend worden gebezigd’? Dan hoeft u de wettelijke benaming niet te gebruiken. Dit mag wel, maar is niet verplicht. Kiest u er in dit geval voor om niet de wettelijke benaming te gebruiken? Kijk dan of er een gebruikelijke benaming is of kies een beschrijvende benaming.
Zie voor een overzicht van de meest voorkomende wettelijk geregelde benamingen en de bijbehorende wet- en regelgeving paragraaf 6.6 ‘Gereserveerde benamingen’ van het Handboek Etikettering. Kijk per benaming in de regelgeving om te zien of deze benaming verplicht is of vrijwillig te gebruiken is.
Is er geen wettelijke (verplichte) benaming? Kijk dan of er een gebruikelijke benaming is. Dat is een benaming die consumenten begrijpen zonder verdere uitleg. Bekende voorbeelden zijn tompouce en bitterbal. Iedereen kent deze producten.
Voorbeeld: sushi
Bekijk per geval of een benaming een gebruikelijke benaming is. Sommige benamingen raken pas na verloop van tijd ingeburgerd: sushi was vroeger een onbekend product, tegenwoordig kunt u sushi als deel van een gebruikelijk benaming hanteren.
Is er geen wettelijke (verplichte) benaming? En is er geen gebruikelijke benaming? Dan moet u een beschrijvende benaming gebruiken. Gebruik hiervoor altijd een beschrijving die consumenten duidelijk maakt wat ze kopen of consumeren.
Voorbeelden van beschrijvende benamingen
- Melkchocolade met luchtige vulling (16%), karamel (27%) en geroosterde pinda’s (22%)
- Product met 45% plantaardige oliën, waarvan 55% Omega 3 en 6 vetzuren
- Pinda’s in een krokant jasje met hartige smaak
- Biscuit met volkorenmeel (36%), crème met hazelnootsmaak en rozijnen, omhuld met melkchocolade (39%)
Brengt u een levensmiddel uit een ander EU-land op de Nederlandse markt? En is dit product nog niet bekend in Nederland? Omschrijf het product dan. Het Franse koekje ‘macaron’ was bijvoorbeeld (nog) niet algemeen bekend in Nederland. Daarom werd de benaming aangevuld met de omschrijving ‘schuimkoekjes met zachte vulling met aardbeiensmaak’.
Als u een benaming kiest voor uw product zijn er 3 dingen waar u altijd rekening mee moet houden.
1. Controleer op aanvullende vermeldingen
Controleer altijd of u nog iets aan de benaming moet toevoegen. Deze aanvullende vermeldingen vindt u in paragraaf 6.5 ‘Verplichte vermeldingen bij benaming’ van het Handboek Etikettering.
2. Gebruik geen merknaam, fantasienaam of handelsnaam
Gebruik geen merknaam, fantasienaam of handelsnaam in plaats van de benaming. Op ieder product moet u een benaming vermelden en deze mag u niet vervangen door een merknaam, fantasienaam of handelsnaam. Zorg dat de benaming past bij het product en een juist beeld geeft van het product.
Zo’n extra merknaam, fantasienaam of handelsnaam is een vrijwillige vermelding en mag nooit misleidend, verwarrend of dubbelzinnig zijn. Een fantasienaam die daadwerkelijk alleen ‘fantasie’ is, is wel toegestaan.
3. Plaats de benaming in hetzelfde gezichtsveld als de nettohoeveelheid
Zorg dat de benaming in hetzelfde gezichtsveld op de verpakking staat als de nettohoeveelheid en, indien van toepassing, het alcoholpercentage. Dat betekent dat ze in één oogopslag te zien moeten zijn.
Kijk voor meer informatie over de benaming van levensmiddelen in hoofdstuk 6 van het Handboek Etikettering van levensmiddelen.