Vondsten wratziekte in Nederland

Op deze pagina kunt u zien op welke locaties de afgelopen jaren wratziekte is aangetroffen. De NVWA onderzoekt na iedere vondst om welk pathotype (type wratziekte, ook wel: fysio) het gaat. Zo kunnen we bepalen welke aardappelrassen nog veilig geteeld kunnen worden in het omliggende gebied.

Vondsten 2020-2025

Vondsten wratziekte 2025

Gemeente Aangetast aardappelras Pathotype
Midden-Groningen BMC en Festien In onderzoek

Vondsten wratziekte 2024

Gemeente Aangetast aardappelras Pathotype
Aa en Hunze BMC 38(Nevşehir)

Vondsten wratziekte 2023

In 2023 werd geen wratziekte vastgesteld in de professionele aardappelteelt. Wel in een volkstuin en in een proefveld in Noordoost-Nederland.

Gemeente Aangetast aardappelras Pathotype
Emmen Aletta, Seresta

42(Erica)

Hoogeveen Alouette 18(T1)

Vondsten wratziekte 2022

In 2022 waren er 8 vondsten.

Gemeente Aangetast aardappelras Pathotype
Emmen Festien Voorlopige uitslag: 38(Nevşehir)
Pekela Altus In onderzoek
Midden Groningen Avarna, Saprodi In onderzoek
Midden Groningen Supporter Onbekend nieuw pathotype
Stadskanaal Seresta Onbekend nieuw pathotype
Stadskanaal Seresta In onderzoek
Westerwolde Festien 38(Nevşehir)
Westerwolde Saprodi 38(Nevşehir)

Vondsten wratziekte 2021

In 2021 waren er 4 vondsten.

Gemeente Aangetast aardappelras Pathotype
Emmen Aventra In onderzoek
Veendam Altus 18(T1)
Westerwolde Altus 38(Nevşehir)
Westerwolde Festien 38(Nevşehir)

Vondsten wratziekte 2020

In 2020 waren er 3 vondsten, allemaal in de gemeente Stadskanaal. In dit jaar werd voor het eerst pathotype 38 aangetroffen in Nederland.

Gemeente Aangetast aardappelras Pathotype
Stadskanaal Festien, BMC, Supporter 38(Nevşehir)
Stadskanaal Festien 38(Nevşehir)
Stadskanaal Festien 38(Nevşehir)

Onderzoek naar pathotypen

Voor de definitieve uitslag van het onderzoek naar een pathotype moeten we de Glynne-Lemmerzahl-onderzoeksmethode aanhouden. Dit is de officiële EU-methode. EU-verordening 2022/1195 stelt gebruik van deze methode verplicht. Ook de maatregelen moeten op de uitkomst van deze methode gebaseerd zijn.

Maar de Glynne-Lemmerzahl-methode is moeilijk uitvoerbaar. Daarom voeren we ook de volgende onderzoeken uit:

  • Spieckermann-methode (Sp)
    Dit is de methode die gangbaar was voordat de Glynne-Lemmerzahl-methode verplicht werd gesteld.
  • DNA-onderzoek
    Hierbij onderzoeken we het mitochondriaal DNA. Dit moleculair onderzoek is innovatief en wordt gebruikt voor bron- en traceringsonderzoek van de aanwezige schimmel.

Door ook deze onderzoeken uit te voeren, kunnen we de situatie beter analyseren en aardappeltelers sneller informeren.

Daarnaast vormt onze kennis over de resistentie van aardappelrassen een belangrijke aanvulling op de verschillende onderzoeksmethoden. Vaak kunnen we in een vroeg stadium al een indicatie afgeven over de pathotypen waar het vermoedelijk om gaat.

Wratziekte in Nederland

Sinds 1915 vinden we met enige regelmaat wratziekte in Noordoost- en Zuidoost-Nederland. Zo was er in de jaren 1925 en 1926 een flinke uitbraakgolf in het zuiden van Nederland.

De rustsporen van de schimmel die wratziekte veroorzaakt, blijven langdurig in de bodem aanwezig. Deze rustsporen kunnen langdurig levensvatbaar blijven en onder gunstige omstandigheden tot nieuwe besmettingen leiden.

Vondsten in Nederland

In Zuidoost-Nederland is tot op heden alleen pathotype 1(D1) aangetroffen. De meest recente vondst in dat gebied was in 2014.

In Noordoost-Nederland zijn pathotypen 2(G1), 6(O1), 18(T1) aangetroffen, en sinds 2020 nog 3 nieuwe pathotypen.

  • De vondsten van pathotypen 2 en 6 zijn grofweg gedaan in de periode 1975 (pathotype 2) tot 2005 (pathotype 6).
  • In de periode 2001 tot 2015 zijn 7 vondsten van pathotype 18 gedaan. Pathotype 18(T1) is sinds 2021 6 keer opnieuw aangetroffen.
  • Sinds 2020 vinden we ook het voor Nederland tot dan toe onbekende pathotype 38(Nevşehir). Hiervan zijn tot en met 2024 8 vondsten gedaan.
  • In 2025 is pathotype 42(Erica) voor het eerst beschreven. Dit pathotype werd eerst aangezien voor pathotype 18(T1), maar het bleek om iets anders te gaan. Pathotype 42(Erica) doorbreekt de resistentie in het ras Seresta, pathotype 18(T1) doet dit niet.
  • In 2025 is nog een nieuw pathotype aangetroffen. Bij het testen van materiaal uit vondsten van de jaren 2022 - 2024 werden in 2 gevallen onverwachte reacties gevonden op het ras Belita. Dit ras heeft een sterke resistentie. Op dit ras is nog niet eerder wratvorming waargenomen. Vervolgonderzoek wees uit dat het om een nieuw pathotype ging. Dit type heeft nog geen officiële naam gekregen, maar wordt voorlopig SenBelita-breaker genoemd.

Nieuwe pathotypen van wratziekte zorgen voor onzekerheid

In de afgelopen 5 jaar zijn in Nederland 3 nieuwe pathotypen van wratziekte gevonden. Dat is opvallend, want in de tientallen jaren daarvoor werd maar heel af en toe een nieuwe variant ontdekt. Alle nieuwe vondsten zijn gedaan in het noordoosten van Nederland, in een gebied waar veel zetmeelaardappelen worden geteeld. Dit is een intensieve vorm van teelt, waarbij aardappelen vaak en op grote schaal achter elkaar worden verbouwd.

In Nederland komen sinds 1915 verschillende pathotypen van wratziekte voor. Die zijn in het verleden waarschijnlijk meerdere keren vanuit verschillende bronnen in Nederland terechtgekomen. De recente vondsten komen uit een bron die veel meer variatie bevat dan de oudere pathotypen. Vanuit deze diverse bron kunnen zelfs op 1 perceel meerdere verschillende varianten voorkomen. Hierdoor bestaat de kans dat er in de toekomst nog meer nieuwe pathotypen ontstaan, of dat die er nu al zijn, maar nog niet zijn ontdekt.

Deze pathotypen die meer variatie bevatten worden samen ‘schimmelpopulaties uit diverse bron’ genoemd. Hier worden de pathotypen 38(Nevşehir), 42(Erica) en de SenBelita-breaker mee bedoeld. Ook voor pathotype 18 (T1) zijn er aanwijzingen dat deze bij deze groep hoort.

Hoe kunt u hier als aardappelteler mee omgaan?

Als teler weet u nu niet zeker welk ras u veilig kunt telen. Dit is erg vervelend. De NVWA zoekt naar een oplossing voor deze onzekere situatie. In de tussentijd is het extra belangrijk dat u maatregelen neemt om de verspreiding van wratziekte tegen te gaan, bijvoorbeeld door middel van een goede bedrijfshygiëne.

NVWA werkt aan een nieuwe aanpak

De NVWA werkt samen met sectororganisaties, onderzoekers en veredelaars aan een nieuwe aanpak van wratziekte. We werken aan een methode om per perceel te onderzoeken welk ras met grotere zekerheid veilig geteeld kan worden. Zodra er meer duidelijkheid is, berichten we hierover op deze website.

Veelgestelde vragen over de nieuwe pathotypen