Bij een bedrijf dat runderkoppen gebruikte voor de productie van vers vlees en gehakt vlees, zijn overtredingen vastgesteld op de voedselveiligheidswetgeving. BuRO is gevraagd de microbiële risico’s hiervan te beoordelen. Ze concludeert dat het risico van prionen (BSE) voor de veiligheid van mens via voedsel en voor gezelschapsdieren via petfood verwaarloosbaar klein is. Ook het risico van andere microbiële gevaren voor de voedselveiligheid worden als verwaarloosbaar klein ingeschat. Daarbij wordt ervan uitgegaan dat het vers vlees en gehakt vlees van dit bedrijf worden verwerkt tot verhitte vleesproducten in daarvoor erkende levensmiddelenbedrijven. BuRO concludeert daarnaast dat borging van beheersmaatregelen in de gehele rundvleesketen van groot belang blijft voor de voedsel- en voederveiligheid van verwerkte runderkoppen.
Download: Deel 1: risicobeoordeling BSE
Download: Deel 2: Microbiologisch risico van verhitte vleesproducten gemaakt met eindproducten van bedrijf X
Download: NVWA: Risico-afwegingen en maatregelen (09-07-2026)
Aanleiding onderzoek
De NVWA heeft in een strafrechtelijk onderzoek naar fraude ernstige overtredingen geconstateerd bij een Nederlands bedrijf dat voor de productie van vers vlees en gehakt vlees koppen van runderen en slachtafval gebruikte. De overtredingen hebben mogelijk microbiële risico’s voor de gezondheid van mensen en gezelschapsdieren tot gevolg. De producten van het bedrijf werden namelijk door andere bedrijven gebruikt voor de productie van onder andere vleesproducten voor consumptie door mensen en voor de productie van (rauw) petfood voor consumptie door gezelschapsdieren.
BuRO is door de NVWA gevraagd de microbiële risico’s te beoordelen die mogelijk ontstaan zijn door het handelen van het betreffende bedrijf. Daarvoor heeft ze de risicobeoordeling opgesplitst in twee delen. In het eerste deel is de aandacht uitgegaan naar de risico’s van prionen (BSE) voor de voedsel- en voederveiligheid, in het tweede deel zijn de overige microbiële risico’s voor de voedselveiligheid onderzocht.
BSE
Bij de verwerking van runderkoppen voor de productie van vers vlees en gehakt vlees is er geconstateerd dat er hersenmateriaal op runderkoppen aanwezig was. Hersenmateriaal van runderen wordt beschouwd als risicomateriaal voor BSE-prionen, waardoor het kopvlees mogelijk besmet is geraakt met prionen. BSE is de afkorting voor boviene spongiforme encefalopathie. Er is daardoor mogelijk een kans op overdracht naar mensen en gezelschapsdieren die producten gemaakt van dit vlees hebben opgegeten. Door strikte wet- en regelgeving, die voorkomt dat BSE-prionen in de voeder- en voedselketen terechtkomen, is er momenteel nog maar een heel kleine kans dat BSE-prionen in de voeder- en voedselketen aanwezig zijn.
Overige microbiële gevaren
De overige microbiologische gevaren die relevant zijn voor deze casus zijn bederfveroorzakende micro-organismen en bacteriële pathogenen. Het is door de geconstateerde overtredingen aannemelijk dat deze micro-organismen in te hoge aantallen in met name het gehakt vlees van dit bedrijf aanwezig kunnen zijn geweest.
Conclusies risicobeoordeling
Risico van BSE voor de gezondheid van mensen en gezelschapsdieren
Het risico van BSE voor de gezondheid van mensen wordt, vanwege de huidige beheersmaatregelen tegen BSE, beoordeeld op een verwaarloosbaar kleine kans. Hiervoor moeten dan wel BSE-beheersmaatregelen in de gehele rundvleesketen geborgd zijn.
Ook voor katten geldt dat het gezondheidsrisico van BSE onder de huidige beheersmaatregelen tegen BSE beoordeeld is op een verwaarloosbaar kleine kans. Voor honden is die kans zelfs ingeschat op nul.
Overige microbiële risico’s voor de gezondheid van mensen
Het is aannemelijk dat het microbiologische risico dat is ontstaan door de bedrijfsvoering van het bedrijf voldoende wordt beheerst door de afnemers van het bedrijf. Dit zijn erkende levensmiddelenbedrijven die een pasteurisatieproces toepassen en vleesproducten maken van het gehakt vlees en verse vlees.
Het feit blijft dat er door het bedrijf grondstoffen zijn gebruikt die niet voor humane consumptie bestemd zijn. En dat het bedrijf daarmee levensmiddelen in de handel heeft gebracht die ongeschikt zijn voor humane consumptie.