Wat moet u doen met dode gezelschapsdieren?

Voor de verwijdering van dode gezelschapsdieren en huisdieren, zoals honden, katten, fretten en hamsters, is wetgeving opgesteld. Deze wetgeving geeft u de volgende mogelijkheden:

  • Vaak kunt u uw gezelschapsdier afgeven bij uw gemeente. Iedere gemeente is namelijk verplicht om via gemeentelijke verordeningen (zie artikel 3.5 van de Wet dieren) regels op te stellen voor dode gezelschapsdieren.
  • U kunt uw gezelschapsdier laten cremeren in een erkend huisdiercrematorium. In de EU-lijst vindt u een overzicht van erkende verbrandingsbedrijven.
  • U kunt uw gezelschapsdier laten begraven op een dierenbegraafplaats.
  • U mag uw gezelschapsdier begraven in uw eigen tuin of op eigen grond. Hiervoor moet voldoende ruimte zijn. Daarnaast moeten de risico‚Äôs voor volksgezondheid, diergezondheid en milieu tot een minimum beperkt worden, vandaar dat u geadviseerd wordt uw gezelschapsdier voldoende diep te begraven (minstens 75 centimeter).
Crematie in het buitenland

U kunt ook uw dode gezelschapsdieren in een andere lidstaat (binnen de EU) laten cremeren. Hiervoor moet u eerst toestemming hebben van het land van bestemming. U kunt deze toestemming meestal aanvragen bij de veterinaire dienst van het betreffende land.

Hobbydieren uitzondering

Voor hobbydieren, zoals paarden, schapen, hangbuikzwijntes, bokjes en kippen, gelden andere eisen dan voor gezelschapsdieren. Bij de verwijdering van dode hobbydieren moet u voldoen aan dezelfde eisen als dode landbouwhuisdieren. Meer informatie vindt u op de pagina Wat moeten bedrijven doen om dode landbouwhuisdieren, hobbydieren en dierentuindieren te verwijderen?