Omdat Meloidogyne enterolobii erg schadelijk is, heeft de Europese Unie (EU) strenge regels opgesteld om verspreiding te voorkomen. Bij een vondst van dit wortelknobbelaaltje moet u besmette planten vernietigen. De NVWA legt deze maatregel op. Wij onderzoeken ook of het wortelknobbelaaltje zich al verder heeft kunnen verspreiden.
Quarantaine-organisme
Meloidogyne enterolobii is een quarantaine-organisme (ook wel: Q-organisme of Q). Quarantaine-organismen moeten uitgeroeid worden volgens de regels van de Europese Unie (EU).
Besmette planten vernietigen
Bestrijding van wortelknobbelaaltjes is erg lastig. De enige betrouwbare methode om deze nematode uit te roeien is vernietiging van besmette planten inclusief het groeimedium waarin ze staan. Daarom gelden bij een vondst de volgende regels:
- Van besmette partijen moet u de risicodragende delen onder toezicht laten vernietigen.
- Zijn er partijen die waarschijnlijk besmet zijn? Die mag u eerst 10 weken apart zetten. Hierbij gelden bepaalde voorwaarden, bijvoorbeeld voor de temperatuur. Blijkt na de incubatietijd dat ze niet besmet zijn? Dan worden ze vrijgegeven. Blijken ze toch besmet te zijn? Dan moet u ze alsnog laten vernietigen.
Wat zijn risicodragende delen?
Risicodragende delen zijn ondergrondse delen van de planten en het bijbehorend groeimedium. Er gelden geen maatregelen voor bovengrondse delen die volledig vrij zijn van wortels en groeimedium.
Wat zijn waarschijnlijk besmette partijen?
Partijen kunnen besmet zijn als de planten op dezelfde tafel of vloer hebben gestaan als een besmet bevonden partij.
Is het drainwater dat afkomstig is van deze tafel of vloer niet ontsmet? Dan kan de nematode zich verspreiden naar andere tafels en vloeren die zijn aangesloten op hetzelfde watergeefsysteem. De planten op die tafels en vloeren kunnen dan ook besmet zijn.
Onderzoek naar verspreiding
Wij inspecteren ook overige partijen op de locatie. Als we symptomen zien, nemen we een monster en laten we dat onderzoeken. Op basis van de monsteruitslagen en de bedrijfssituatie kunnen we aanvullende maatregelen opleggen.
Zo nodig bezoeken we daarbij ook andere bedrijven in Nederland, bijvoorbeeld leveranciers en afnemers van het plantmateriaal.