Wilt u een diergezondheidscertificaat aanvragen voor zeugen, biggen of runderen (melktype) die vanaf uw verzamelcentrum naar een ander EU-land worden geëxporteerd voor de slacht? De exportkeuring (ook wel: diergezondheidscertificering) voor deze dieren wordt door 1 of 2 toezichthouders van de NVWA gedaan. Of er 1 of 2 toezichthouders naar uw bedrijf komen, hangt af van hoe u uw werkprocessen heeft ingericht.

Toezicht bij zeugen, biggen en runderen (melktype) voor de slacht

Zeugen, biggen en runderen (melktype) zijn kwetsbare dieren. Bij het transport van deze dieren zijn er meer risico’s voor het dierenwelzijn. Hiervoor zijn verschillende redenen. Bijvoorbeeld:

  • Deze dieren hebben vaker een (fysieke) afwijking. Een afwijking kan een negatieve invloed hebben op het dierenwelzijn tijdens het transport.
  • Het transport (naar het verzamelcentrum en vanaf het verzamelcentrum) kan een negatieve impact hebben op het welzijn van deze dieren. Dit risico is groter dan bij andere dieren.

Vanwege de risico’s is het extra belangrijk dat onze toezichthouders deze kwetsbare dieren nauwkeurig kunnen beoordelen tijdens een exportkeuring.

2 Typen toezicht bij exportkeuringen op verzamelcentra

Vanaf 6 juli 2026 voert de NVWA 2 typen toezicht in bij verzamelcentra die kwetsbare dieren voor de slacht exporteren naar EU-landen.

Toezicht type A: 1 toezichthouder

Voor de exportkeuring komt er 1 toezichthoudende dierenarts naar uw bedrijf. Dit is alleen mogelijk als uw bedrijfsproces zo is ingericht dat de werkzaamheden door 1 toezichthouder gedaan kunnen worden. Hieronder leest u aan welke voorwaarden u moet voldoen, en hoe u kunt aantonen dat u aan deze voorwaarden voldoet.

Toezicht type B: 2 toezichthouders

Als uw bedrijf niet aan de voorwaarden van toezicht type A kan voldoen, valt uw verzamelcentrum onder toezicht type B. Voor de exportkeuring komen dan 2 toezichthouders naar uw bedrijf, zoals nu al gebruikelijk is.

Vanaf 6 juli 2026 gaat u betalen voor de tweede toezichthouder.

Waarom zijn er 2 soorten toezicht?

Met deze nieuwe werkwijze kan de NVWA beter inspelen op de verschillen tussen verzamelcentra en de werkwijze van de exploitanten. Hierdoor kunnen toezichthouders gerichter en effectiever worden ingezet, met als uitgangspunt: 1 toezichthouder waar mogelijk, 2 waar nodig. Zo kunnen de risico’s voor dierenwelzijn verder verkleind worden.

Dit geldt voor beide typen toezicht

Onder welk type toezicht u ook valt, er gelden altijd dezelfde basisvoorwaarden. U werkt volgens de Europese richtsnoeren (zie de richtsnoeren voor varkens en voor runderen), de richtlijnen van EURCAW en het sectorprotocol. Daarnaast ondersteunt u de toezichthouder(s) bij hun werkzaamheden.

Het enige verschil is dat er 1 of 2 toezichthouders op uw bedrijf aanwezig zijn. Zijn uw werkprocessen zo ingericht dat 1 toezichthouder het werk naar behoren kan uitvoeren? Dan komt u in toezicht type A. Anders komt u in toezicht type B.

Als tijdens de exportkeuring wordt geconstateerd dat u zich niet aan de voorwaarden houdt of dat de werkzaamheden niet naar behoren kunnen worden uitgevoerd, kan de toezichthouder besluiten de keuring te staken. Dit staat los van het aantal toezichthouders dat toezicht houdt. Meer informatie hierover vindt u in de Maatregelentabel toezicht op transportwaardigheid

Voorwaarden voor toezicht type A (1 toezichthouder) en B (2 toezichthouders)

Hieronder leest u aan welke voorwaarden uw bedrijf moet voldoen om in aanmerking te komen voor toezicht type A.

Wilt u graag in aanmerking komen voor type A? Dan moet uw bedrijfsproces zo zijn ingericht dat 1 toezichthouder de werkzaamheden zorgvuldig kan uitvoeren. U kunt uw werkwijze beschrijven in het aanvraagformulier voor type A, en het formulier inleveren bij uw bedrijvenbeheerder. Dit is niet verplicht, maar het helpt ons wel bij de beoordeling.

Wij realiseren ons dat ieder verzamelcentrum net iets anders is ingericht. Er zijn verschillen in werkwijze, bedrijfscultuur en bouwkundige constructie. Dat geeft u de mogelijkheid om (tot op zekere hoogte) zelf invulling te geven aan onderstaande voorwaarden.

Overzicht voorwaarden

  1. U leeft het sectorprotocol na.
  2. U vermeldt runderen uit de categorie “oranje”/”vraagteken” op een begeleidend document.
  3. U vraagt voldoende tijd aan, zodat de toezichthouder al zijn werkzaamheden zorgvuldig kan uitvoeren.
  4. Uw medewerkers en u gaan naar behoren met de dieren om en verplaatsen de dieren op een rustige manier.
  5. U maakt een goede voorselectie van de dieren. Hieronder staat hoe wij beoordelen wat een goede voorselectie is.
  6. U leeft alle relevante wet- en regelgeving na.

Wat is een goede voorselectie?

Bij de diergezondheidscertificering gaat de toezichthouder na of de voorselectie van de dieren correct is uitgevoerd. Soms moet de toezichthouder dieren ‘uitselecteren’: die dieren mogen dan niet mee met het geplande transport. Of ze worden verplaatst naar een andere groep: dit wordt ook wel ‘vervoer onder voorwaarden’ genoemd. Hoe minder dieren uitgeselecteerd worden door de toezichthouder, hoe beter de voorselectie is.

Hieronder kunt u zien wat we precies bedoelen met uitselecteren, en bij welke aantallen sprake is van een goede voorselectie.

Wat valt er onder uitselecteren?

  • U biedt dieren aan die door de toezichthouder volledig worden geweigerd voor export. Deze dieren tellen mee bij de beoordeling voor type toezicht A of B.
  • Alleen relevant bij varkens: u biedt ten onrechte dieren aan in de groep ‘zonder aanvullende voorwaarden’. Als de dieren uiteindelijk wel meegaan voor export (vervoer onder voorwaarden), tellen deze niet mee bij de beoordeling voor type toezicht A of B.

Let op: het aanbieden van niet-transportwaardige dieren (‘rode dieren’) kan voor ons een reden zijn om uw bedrijf (weer) in te delen in toezicht type B.

Voorselectie bij slachtzeugen en slachtbiggen

Wij gebruiken onderstaande tabellen om te beoordelen of uw voorselectie voldoende is.

Goede voorselectie voor slachtbiggen
Totaal aangebodenDoor toezichthouder uitgeselecteerd
500 - 1000maximaal 1%
vanaf 1001maximaal 10
Goede voorselectie voor slachtzeugen
Totaal aangebodenDoor toezichthouder uitgeselecteerd
Aantal slachtzeugen per weekmaximaal 2%

Voorselectie bij slachtrunderen (melktype)

Wij gebruiken onderstaande tabel om te beoordelen of uw voorselectie voldoende is. Het gaat hierbij om de groep dieren die samen voor 1 vervoermiddel worden aangeboden door u.

Goede voorselectie voor slachtrunderen (melktype)
Totaal aangebodenDoor toezichthouder uitgeselecteerd
1-15maximaal 1
16-25maximaal 2
26 - 35maximaal 3

Invoering van de nieuwe werkwijze

Wij voeren de nieuwe werkwijze voor exportkeuringen op verzamelcentra gefaseerd in. Dit geeft u de kans om uw werkprocessen te beoordelen en zo nodig aan te passen aan de voorwaarden voor toezicht type A.

Na de invoering van de nieuwe werkwijze

Bent u ingedeeld bij toezicht type A (1 toezichthouder)?

De bedrijvenbeheerder monitort uw bedrijf. Wanneer u zich niet aan de afspraken houdt kan uw bedrijf weer in toezicht type B geplaats worden. Hierbij hanteert de NVWA de volgende richtlijn: bij de 15 exportkeuringen die voor een controle hebben plaatsgevonden mag u maximaal 3 bemerkingen op de voorwaarden hebben. Overschrijdt u deze norm? Dan beslissen de bedrijvenbeheerder, de senior toezichthoudend dierenarts en de teamleider of u onder toezicht type B geplaatst moet worden. 

Wij voeren ook steekproeven uit waarbij een tweede toezichthoudend dierenarts wordt ingezet. Aan deze extra inzet zijn voor u geen kosten verbonden.

Bent u ingedeeld bij toezicht type B (2 toezichthouders)?

U heeft de mogelijkheid om uw werkprocessen te blijven verbeteren en toezicht type A aan te vragen. Bespreek het met uw bedrijvenbeheerder als u verwacht aan de voorwaarden te kunnen voldoen. Beschrijf uw nieuwe werkproces op het formulier en lever dit in bij uw bedrijvenbeheerder. Er vindt dan opnieuw een beoordeling plaats.