Inspectieresultaten snijbloemen in de glastuinbouw 2024-2025
In 2024 en 2025 heeft de NVWA inspecties uitgevoerd in de teelt van snijbloemen in de glastuinbouw. We controleerden of gewasbeschermingsmiddelen op de juiste manier gebruikt werden.
In het kort
In 2024 en 2025 voerden we in totaal 71 inspecties uit bij telers van snijbloemen in kassen. Wij voerden inspecties uit in enkele grote gewassen, zoals chrysant, freesia, hydrangea, roos en verschillende andere soorten. Binnen deze teelten werden de bedrijven aselect gekozen. Tijdens de inspecties controleerden we of de telers zich aan de wet- en regelgeving voor het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen hielden.
Van de 71 inspecties waren 43 niet akkoord en werd een schriftelijke waarschuwing gegeven en/of een rapport van bevindingen opgesteld. Op basis van een rapport van bevindingen kan een boete of andere maatregel worden opgelegd.
Bij 34 van de niet akkoord-inspecties werden gewasbeschermingsmiddelen onjuist gebruikt of werden er niet-toegelaten middelen gebruikt. Dit kan risico opleveren voor mens, dier en milieu. Bij de andere 9 inspecties die niet akkoord waren zijn andere overtredingen geconstateerd. Het kan voorkomen dat bij een inspectie meerdere overtredingen zijn geconstateerd en meer dan een interventie werd opgelegd.
28 inspecties waren wel akkoord. Dit betekent dat 39% van de gecontroleerde bedrijven zich aan de regels hield.
Inspectieresultaten: inspecties in de snijbloemen-sector
Bij onze sierteelt-inspecties in de jaren 2013 tot en met 2019 zagen we een dalende trend in de naleving van de wet- en regelgeving, ook bij telers van snijbloemen in de glastuinbouwsector. In 2019 hield 60% van deze telers zich aan de wet- en regelgeving.
We wilden een indicatie hebben van de naleving op dit moment. Daarom hebben we in 2024 en 2025 opnieuw inspecties uitgevoerd bij bedrijven in de glastuinbouw die snijbloemen telen. Deze inspecties laten een lagere naleving zien dan in 2019.
De adressen zijn aselect (willekeurig) geselecteerd. Bij elke teler voerden we een fysieke en administratieve inspectie uit. Daarnaast namen we gewasmonsters van het geselecteerde gewas. Deze analyseerden we in het laboratorium. Zo konden we controleren welke gewasbeschermingsmiddelen er waren gebruikt.
Resultaten
Van de 71 inspecties waren 28 akkoord en 43 niet akkoord. Bij deze inspecties constateerden we in totaal 67 overtredingen.
Inspecties per gewas
De inspecties vonden plaats in verschillende gewassen. In onderstaande tabel staat een overzicht van het aantal inspecties per gewas.
| Geselecteerde gewas | Aantal Inspecties |
Aantal niet - akkoord inspecties |
|---|---|---|
| Alstoemeria | 6 | 1 |
| Chrysant | 24 | 18 |
| Dianthus | 2 | 1 |
| Eustoma | 3 | 3 |
| Freesia | 11 | 3 |
| Hydrangea | 14 | 8 |
| Roos | 10 | 8 |
| Violier | 1 | 1 |
Overtredingen bij het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen
Bij de meeste inspecties die niet akkoord waren ging het om overtredingen van het wettelijk gebruiksvoorschrift van het gewasbeschermingsmiddel. We zagen de volgende overtredingen:
- te hoge dosering
- te veel toepassingen
- onjuiste interval
- onjuiste periode
Daarnaast constateerden we 7 keer dat er middelen werden gebruikt die niet zijn toegelaten in de teelt. Bij 1 overtreding zagen we zelfs een stof die niet is goedgekeurd in de Europese Unie (EU).
In onderstaande grafiek staan de overtredingen bij het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen, met het aantal keer dat de overtreding is vastgesteld. We zagen in totaal 40 overtredingen bij het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen bij 34 inspecties. Het kan dus voorkomen dat bij een inspectie meerdere overtredingen zijn geconstateerd.
Overtredingen bij gebruik van gewasbeschermingsmiddelen
| | Percentage |
|---|---|
| Onjuist gebruik | 32 |
| Niet toegelaten in de teelt | 7 |
| Niet toegelaten in EU | 1 |
Overige overtredingen
- Bij 13 inspecties constateerden we dat de telers zich niet aan de administratieve voorwaarden hielden. De telers registreerden de gebruikte middelen en het aantal toepassingen niet of niet goed.
- Bij 2 inspecties hadden de telers geen of niet het juiste bewijs van vakbekwaamheid.
- Bij 7 inspecties hadden de telers middelen op voorraad die op dat moment geen geldige toelating hadden.
- Bij 5 inspecties was de keuring van de toepassingsapparatuur verlopen.
Hoe hebben wij gehandhaafd?
Wij hebben gehandhaafd volgens ons interventiebeleid. We hebben de volgende interventies toegepast:
- 20 officiële waarschuwingen
- 41 rapporten van bevindingen, op basis hiervan kan een boete of andere maatregel worden opgelegd
Bij een inspectie zien we soms meerdere overtredingen. Bij overtredingen op verschillende aspecten kunnen er ook meerdere interventies per inspectie worden toegepast. Het bedrijf krijgt dan bijvoorbeeld een officiële waarschuwing en er wordt een rapport van bevindingen opgesteld. Bij 34 inspecties leidde onjuist gebruik van gewasbeschermingsmiddelen of gebruik van niet-toegelaten middelen tot minstens 1 officiële waarschuwing of 1 rapport van bevindingen.
Bij sommige inspecties constateerden we alleen een lichte overtreding, en is een mondelinge of schriftelijke terugkoppeling gegeven. Deze inspecties zijn hier niet meegeteld als niet-akkoord inspectie.
In de monsters van 7 bedrijven zijn stoffen aangetoond die niet goedgekeurd zijn in de EU. Het ging hier om lage waarden die niet herleidbaar waren naar gebruik tijdens de teelt. Daarom is hier niet op gehandhaafd.
Vervolgaanpak
Minder dan de helft van de geïnspecteerde bedrijven hield zich aan de regels. Onjuist gebruik van gewasbeschermingsmiddelen en het gebruik van niet-toegelaten middelen kunnen risico’s opleveren voor mens, dier en milieu. Het recent gepubliceerde rapport van Bureau Risicobeoordeling & Onderzoek (BuRO) van de NVWA over geïmporteerde rozen en andere snijbloemen uit niet-EU landen onderschrijft dit.
In het rapport wordt geconcludeerd dat het aantreffen van niet-toegelaten stoffen een risico kan opleveren voor mensen die beroepsmatig met deze rozen werken, en mogelijke milieurisico’s wanneer rozen via groenafval of compost in het milieu terechtkomen. Welke risico’s te hoge doseringen of te vaak toepassen van de toegelaten middelen geven, zoals in deze inspectieresultaten worden geconstateerd, is nu niet duidelijk. Dit inzicht is wel gewenst gelet op de voorliggende risicobeoordeling en de meest recente inspectieresultaten. Ook omdat de naleving van wet- en regelgeving in de sierteelt verder is gedaald.
Voor de NVWA is dit een zorgelijke ontwikkeling. Om de naleving te verhogen zetten we in op meerdere sporen. Zo lopen er 2 pilots in de sierteelt, te weten:
- stimulerend toezicht in Gerbera
- zwaardere sancties voor bedrijven die herhaaldelijk overtredingen begaan
Beide pilots hebben het doel de naleving te verhogen. In de eerstgenoemde pilot doen we dat door met toezicht de inzet van Integrated Pest Management (IPM) te stimuleren. In de tweede pilot doen we dat door strenger te straffen op herhaalde overtredingen. De bedrijven die meedoen aan deze pilots zijn geen onderdeel van de naleefmeting in 2024-2025.
De NVWA onderzoekt daarnaast andere mogelijkheden om strenger toe te kunnen zien op de naleving van de regels binnen de sierteelt zoals:
- de mogelijkheden voor uitbreiding van openbaarmaking van inspectieresultaten
- meer samenwerking met andere toezichthouders
Ook blijft de NVWA aandacht vragen voor aanpassing van het sanctie-instrumentarium.
Voor telers die goed naleven onderzoeken we een meer gerichte ketenaanpak.
De NVWA gaat over de inspectieresultaten en de aanpak verder in gesprek met; de sectorvertegenwoordigers, het College voor de toelating van gewasbeschermingsmiddelen en biociden (Ctgb), het ministerie van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur (LVVN), het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat (I&W) en andere toezichthouders als bijvoorbeeld de waterschappen of omgevingsdiensten.