Voor de teelt van dahlia, gladiool, hyacint, iris, lelie, narcis en tulp gelden in de EU ruimere eisen voor aardappelmoeheid. Dit zijn zogenaamde licht gereguleerde gewassen. Voor overige soorten bloembollen gelden zelfs geen eisen aan aardappelmoeheid. In veel gevallen kiezen telers om toch aan de strikte eis voor aardappelmoeheid te voldoen. Dit is teelt op een perceel waarvoor een onderzoeksverklaring voor AM is afgegeven of een perceel binnen een aardappelteeltverbodsgebied. Als u voldoet aan de strikte eis is de partij geschikt voor afzet in de EU en voor export buiten de EU.
Afzet binnen de EU
Voor afzet binnen de EU gelden ruimere eisen. U kunt de bloembollen telen op een perceel waar geen grondonderzoek is uitgevoerd. En zelfs op een AM besmet verklaard perceel. Voorwaarde voor dahlia, gladiool, hyacint, iris, lelie, narcis en tulp is dat de geoogste producten door spoelen of borstelen praktisch vrij van grond zijn voordat u ze gaat verhandelen. Een alternatief is de teelt op een perceel waar 12 jaar geen aardappelen zijn geteeld. U hoeft dan geen grond te verwijderen.
Handel in Nederland en binnen de EU
Wilt u dahlia, gladiool, hyacint, iris, lelie, narcis en tulp binnen de EU verhandelen zonder verplichting tot verwijderen van aanhangende grond? Dan moet u ze telen op een perceel waar wel een grondonderzoek is gedaan en waarvoor een AM-onderzoeksverklaring is afgegeven.
De grondvrij gemaakte uitgangsmaterialen zijn niet geschikt voor export buiten de EU.
Export naar derde landen
Voor vrijwel alle belangrijke exportbestemmingen moeten de bloembollen afkomstig zijn van AM-vrij bevonden percelen of uit aardappelteeltverbodsgebieden. Bij de aangifte bij de BKD moet dat worden aangetoond. U kunt de landeneisen opzoeken in de Exportassistent.
De werkwijze van de BKD regelt dat de zogenoemde AM- status van bloembolpartijen in de hele keten bekend is.
Extra eisen voor combinatiebedrijven
Er gelden extra voorwaarden voor bedrijven die teelt met de ruimere EU eisen voor afzet binnen de EU of zonder eisen, en export buiten de EU combineren . U moet als ‘combinatiebedrijf’ bewijzen dat exportgeschikte partijen in de hele keten niet in contact konden komen met grond of partijen van niet-AM-vrije percelen.
Hiervoor zijn eisen voor zowel tracking & tracing, als hygiëne in de gehele teelt en handelsketen van betrokken bedrijven. Het vraagt vooral extra bewustwording van betrokken bedrijven in de keten. Deze bedrijven moeten goede afspraken maken met leveranciers en andere dienstverleners over de AM-status en genoemde voorzorgsmaatregelen.
Teelt buiten Nederland
Bloembollen die zijn geteeld of aangekocht uit een ander EU-land, kunnen niet vrij van AM worden beschouwd.
Deze bollen gelden wel als 'AM-vrij' als dit wordt aangetoond met een verklaring, afgegeven voor de fytosanitaire autoriteiten uit het herkomstland. Meer informatie over de afgifte van deze verklaring vindt u op de pagina Pre-exportcertificaat. Voor partijen bloembollen die van buiten de EU zijn ingevoerd bewijst het fytosanitaire certificaat dat partijen vrij zijn van AM.
Gedetailleerde informatie over maatregelen voor aardappelmoeheid en bloembollen vindt u op de website van BKD.
Waar staat dit in de wet?
Deze regels zijn op basis van de EU Uitvoeringsverordening voor aardappelmoeheid (EU) 2022/1192.