De cannabis voor het Experiment Gesloten Coffeeshopketen (ook wel: wietexperiment of wietproef) moet voldoen aan bepaalde kwaliteitseisen. De cannabis mag bijvoorbeeld niet vervuild zijn met zware metalen. Als teler moet u laten testen of uw producten aan de kwaliteitseisen voldoen.
Eisen aan de kwaliteit van de cannabis
Met ‘kwaliteit van de cannabis’ wordt het volgende bedoeld:
- Er gelden grenswaarden voor zware metalen, micro-organismen (zoals schimmels en gisten) en aflatoxines. Zie bijlage III van de Regeling EGC. Uw producten moeten onder de grenswaarden blijven.
- Bij het telen mag u alleen gewasbeschermingsmiddelen gebruiken die onder de proefontheffing zijn vrijgesteld voor de teelt van cannabis.
Er geldt geen minimum of maximum voor het gehalte aan THC en CBD.
Laat uw producten testen
Om te laten zien dat uw producten aan de kwaliteitseisen voldoen moet u de door u geproduceerde hennep en hasjiesj laten testen. Hiervoor zijn representatieve en homogene monsters van elke batch nodig. Een batch is een groep hennepplanten van dezelfde hennepvariëteit die gelijktijdig zijn geoogst.
Van elke (meng)batch moet u telkens 3 monsters nemen:
- monster om zelf te laten testen
- monster voor de NVWA
- monster voor een eventueel tegen onderzoek (contra-expertise)
Monster om zelf te laten testen
Het eerste monster moet u laten controleren op zware metalen, micro-organismen en aflatoxines. Ook moet u de THC- en CBD-waarden laten controleren.
Het onderzoek mag alleen uitgevoerd worden door een laboratorium met een ontheffing op grond van de Opiumwet. De monsters en de bijbehorende uitslagen moeten geregistreerd worden in het track-and-trace-systeem.
Blijkt uit het onderzoek dat de grenswaarden voor zware metalen, micro-organismen en aflatoxines worden overschreden? Dan moet u de batch laten vernietigen.
Monster voor de NVWA
Van iedere batch neemt u ook een monster voor de NVWA. U moet het monster 3 maanden bewaren, gerekend vanaf de dag dat u het laatste product van de batch aan de coffeeshop heeft geleverd.
Tijdens een inspectie van de NVWA neemt de inspecteur enkele monsters mee. De inspecteur stuurt deze voor analyse naar het laboratorium van Wageningen Food Safety Research (WFSR).
Wij laten het monster net als u controleren op zware metalen, micro-organismen, aflatoxines, THC en CBD. Daarnaast nemen inspecteurs van de NVWA ook een aantal keer per jaar (blad)monsters van de cannabis. Deze worden getest op gewasbeschermingsmiddelen. Het onderzoek wordt uitgevoerd door het laboratorium van WFSR. Informatie over de methodieken die het WFSR gebruikt vindt u in het document Afzonderlijke lab analyse methodieken WFSR.
Blijkt uit ons onderzoek dat uw product niet aan de kwaliteitseisen voldoet? Dan kunnen wij een boete of andere maatregel opleggen volgens het Specifiek Interventiebeleid Experiment Gesloten Coffeeshopketen. Ook moet u de batch laten vernietigen.
Monster voor tegenonderzoek (contra-expertise)
Keuren wij uw monster af? Eventueel kunt u een contra-expertise laten uitvoeren. Gebruik hiervoor dan het derde monster. Dit moet u net als het monster voor de NVWA 3 maanden bewaren. De bewaartermijn van 3 maanden start op de dag dat u het laatste product van de batch aan de coffeeshop heeft geleverd.
Is er een overschrijding van de grenswaarden voor micro-organismen aangetroffen? Dan geldt die uitslag voor de gehele batch. Het resultaat van de contra-expertise heeft hier geen invloed op. Microbiologische besmetting vindt vaak inhomogeen plaats. Daardoor kunnen de monsters uit 1 batch verschillende resultaten laten zien. U moet de betreffende batch bij elke aangetoonde microbiologische overschrijding laten vernietigen.
Veelgestelde vragen
Voor monsters die u aan de NVWA levert geldt het volgende:
- Voor de wietmonsters is 20 gram nodig.
- Voor de hasjmonsters is minimaal 15 gram nodig.
Voor uw eigen monstername mag u een kleiner monster nemen, bijvoorbeeld 5 gram. Zolang dit voor het laboratorium voldoende is om de analyses uit te voeren. De monsters moeten wel representatief en homogeen zijn.
Nee, dat is niet toegestaan. Wanneer een van deze monsters niet aan de eisen voldoet moet de hele batch worden vernietigd.
U mag batches splitsen op basis van (visuele) kwaliteit, en onderscheid maken tussen toppen van goede kwaliteit en slechte kwaliteit. Die mag u ook weer met andere batches mengen. Van iedere mengbatch moet u een representatief monster nemen en u moet dit monster laten testen.
Het is niet toegestaan om batches te scheiden, splitsen en mengen op basis van ontoereikende laboratoriumuitslagen. U moet een batch vernietigen op het moment dat de in bijlage III van de regeling EGC genoemde grenswaarden worden overschreden.
Dit is toegestaan. De nieuwe mengbatch moet u vervolgens wel opnieuw laten testen. Neem representatieve en homogene monsters van de nieuwe mengbatch.
Vanuit de wetgeving geldt een resultaatsverplichting en moet u als teler aan de kwaliteitseisen voldoen. De uitslag van hetmonster is in dit geval niet de enige factor om te bepalen of de kwaliteit voldoende is. Er spelen meer factoren een rol. Het monster moet ook homogeen en representatief zijn. Daarnaast maakt het uit op welke wijze de analyse en bemonstering is uitgevoerd. Aangewezen telers zijn zelf verantwoordelijk voor het nemen en (laten) uitvoeren van de contra-expertise.
Nog vragen?
Heeft u nog vragen over de kwaliteitseisen? Kijk dan eerst in de Regeling experiment gesloten coffeeshopketen en het Besluit experiment gesloten coffeeshopketen. Hierin staat aan welke wettelijke eisen u als teler moet voldoen.
Kunt u het antwoord niet vinden? Neem dan contact op ons met Klantcontactcentrum.
Heeft u vragen over andere aspecten van de wietproef of over de wietproef als geheel? Uitgebreide informatie vindt u op de website van de Rijksoverheid. Ook kunt u contact opnemen met programmateam van het wietexperiment bij het ministerie van Justitie en Veiligheid via: experimentgeslotencoffeeshopketen@minjenv.nl