Uitkomsten van Nationaal Plan Residuen

Sinds 1996 voert de NVWA het Nationaal Plan Residuen in producten van dierlijke oorsprong (NPR) uit. Met de jaren is de productie van vlees en dierlijke producten sterk toegenomen. Ook zijn de analysetechnieken verbeterd en worden er steeds meer verschillende diergeneesmiddelen ontwikkeld. Hierdoor is het aantal monsters met de jaren ook toegenomen.

Tienduizenden monsters per jaar

Jaarlijks nemen we tienduizenden monsters in het kader van het Nationaal Plan Residuen in producten van dierlijke oorsprong. Toch zien we maar weinig monsters die niet aan de eisen voldoen: enkele tientallen per jaar. Dat is minder dan 1%. Maar we blijven streven naar een percentage van 0%. Want we zouden deze stoffen helemaal niet mogen aantreffen.

In de tabel ziet u de cijfers van de afgelopen 3 jaar. In 2020 zijn er minder monsters genomen dan gebruikelijk vanwege de coronacrisis. Onze inspecteurs moesten zich aan de maatregelen houden en konden minder vaak op pad.

jaar aantal monsters aantal monsters niet conform de eisen percentage
2022 24.071 57 0,24%
2021 24.085 88 0,37%
2020 21.224 53 0,25%
2019 25.940 79 0,30%

Welke stoffen zitten er in de afwijkende monsters?

In de afwijkende monsters zitten vooral stoffen die in het milieu aanwezig zijn, zoals cadmium, kwik en lood. Meestal is niet te voorkomen dat dieren deze stoffen binnenkrijgen. Daarnaast laten de analyses residuen van diergeneesmiddelen zien, zoals antibiotica en pijnstillers.

Hormonen en verboden stoffen komen weinig voor in de monsters. Bij de verboden stoffen zit ook de stof thiouracil. Deze stof zit onder meer in koolzaadachtige planten. Als runderen en varkens hiervan eten, kan de stof dus van nature in het vlees terechtkomen. Daarom is deze stof in lage gehaltes wel toegestaan.

jaar verboden stoffen (incl. thiouracil) antibiotica andere diergeneesmiddelen in het milieu aanwezige stoffen en contaminanten
2022 10 11 15 21
2021 32 7 6 43
2020 19 6 5 23
2019 31 6 12 30

Monsters per diersoort en product

Wij controleren de volgende diersoorten en producten:

  • rund
  • varken
  • schaap en geit
  • paard
  • pluimvee
  • konijn
  • gekweekt wild
  • vrij wild
  • aquacultuur: kweekvis
  • melk
  • eieren
  • honing

Afwijkende monsters zien we vooral bij pluimvee, rundvlees en varkensvlees. Bij deze diersoorten nemen we ook de meeste monsters. Antibiotica zien we in alle 3 de diersoorten. Rund- en varkensvlees bevatten vaker thiouracil, dat komt bij pluimvee niet voor. Rund- en pluimveevlees bevatten vaker zware metalen.

Pluimvee

jaar aantal monsters aantal monsters niet conform de eisen
2022 5.229 10
2021 5.531 12
2020 4.240 0
2019 5.038 4

Rund

jaar aantal monsters aantal monsters niet conform de eisen
2022 7.432 19
2021 7.419 58
2020 6.540 42
2019 9.223 59

Varken

jaar aantal monsters aantal monsters niet conform de eisen
2022 8.449 13
2021 8.175 7
2020 7.221 7
2019 8.373 8

Monsters per locatie

Wij nemen monsters op de volgende locaties:

  • boerderijen
  • slachthuizen
  • grenscontroleposten (import uit niet-EU-landen)

Afwijkende monsters zien we vooral bij slachthuizen. Daar nemen we ook veruit de meeste monsters af. Bij boerderijen heeft het geen zin om op alle stofgroepen te controleren. Zo is gebruik van geregistreerde diergeneesmiddelen gewoon toegestaan zolang een dier nog op de boerderij wordt gehouden. Pas als het dier naar de slacht gaat, mag het diergeneesmiddel niet meer boven maximale gehaltes aanwezig zijn. Er geldt dan ook een wachttermijn.

Boerderij

jaar aantal monsters aantal monsters niet conform de eisen
2022 3.775 10
2021 3.958 21
2020 3.728 9
2019 5.789 28

Slachthuis

jaar aantal monsters aantal monsters niet conform de eisen
2022 19.835 45
2021 19.469 66
2020 19.684 43
2019 19.684 48

Grenscontrolepost

jaar aantal monsters aantal monsters niet conform de eisen
2022 461 2
2021 658 1
2020 467 1
2019 467 3

Meer informatie over de uitkomsten van het NPR

Kijk voor uitgebreide informatie bij de monitoringsresultaten van 2020, 2021 en 2022