De NVWA houdt toezicht op plantgezondheid voor het behoud van gezonde planten in Nederland en de EU, voedselzekerheid en biodiversiteit. In 2025 is 10% van onze capaciteit besteed aan toezicht op plantgezondheid.
We voeren de regie op het Nederlandse fytosanitaire import controlesysteem met de plantaardige keuringsdiensten. We werken samen met de Douane aan de controle van reizigersbagage en postpakketten op fytosanitair gereguleerde producten. Zo weren we plantenziekten en plagen. Bij vondsten of uitbraken grijpen we in om verspreiding en vestiging van schadelijke organismen te voorkomen. Dit fytosanitaire stelsel vormt ook de basis voor het afgeven van exportgaranties; daarmee beschermen we de plantgezondheid in bestemmingslanden en behoudt de plantaardige sector in Nederland toegang tot exportmarkten.
Voor deze belangrijke taken blijven we investeren in ons (inter)nationale netwerk, om goed op de hoogte te blijven van wat speelt op het gebied van plantgezondheid. Ook levert de NVWA inhoudelijke bijdragen aan de beïnvloeding van internationale beleidsvorming en regelgeving. Dat doen we in EU-verband en bij de International Plant Protection Convention (IPPC), de European and Mediterranean Plant Protection Organisation (EPPO) en de European Food Safety Authority (EFSA).
Inspecties
Op het gebied van plantgezondheid voerden we in 2025 4.097 inspecties uit tegenover 4.197 in 2024. Deze inspecties vonden plaats bij 1.858 unieke bedrijven. Aan 138 bedrijven werd een maatregel opgelegd.
Onderwerpen uitgelicht
Quarantaine-organismen (Q-organismen) zijn bestrijdingsplichtige plantenziekten en plagen. In 2025 zetten we belangrijke stappen om het bewustzijn bij particulieren en bedrijven over de risico’s van schadelijke plantenziekten en plagen te vergroten. Zo brachten we verschillende nieuwsberichten uit waarin opgeroepen is tot alertheid voor specifieke Q-organismen zoals de Japanse kever (Popillia japonica), de bacterieziekte Xylella fastidiosa en de knobbelnematode Meloidogyne enterolobii. Daarnaast verbeterden we de informatievoorziening over Q-organismen waarbij ook een specifieke zoektool beschikbaar kwam voor ondernemers.
In de doorontwikkeling van onze paraatheid op de bestrijding van fytosanitaire uitbraken, ontwikkelden we een algemeen uitvoeringsdraaiboek Plantgezondheid en organisme-specifieke draaiboeken. Het draaiboek voor P. japonica is in 2025 gebruikt voor een uitgebreide simulatieoefening. Ook ontwikkelden we organisme-specifieke webinars en e-learnings om medewerkers op te leiden. Deze inspanningen dragen eraan bij dat de NVWA beter voorbereid is op een uitbraak van Q-organismen.
Voor zendingen die binnenkomen in Nederland en die worden overgebracht naar een erkende inspectielocatie in een andere EU-lidstaat, voert het Kwaliteits-Controle-Bureau (KCB) sinds 1 oktober 2024 de documentcontrole handmatig uit. Sinds 8 december 2025 kunnen ondernemers deze documentcontrole inplannen op een erkende inspectielocatie. Dit betekent dat de documentcontrole voor deze verleggingen:
- op alle erkende importinspectielocaties kan worden aangevraagd;
- uitsluitend plaatsvindt op basis van het originele papieren fytosanitaire certificaat of op basis van het digitale elektronische fytosanitaire certificaat (ePhyto);
- niet langer wordt uitgevoerd op basis van een kopie van het originele papieren fytosanitaire certificaat.
We zijn gestart met het Programma Verbetering Exportgaranties en -Certificering. Met dit meerjarige programma investeren we gericht in de kwaliteit, uniformiteit en toekomstbestendigheid van het Nederlandse fytosanitaire stelsel. Het programma richt zich zowel op het verbeteren van interne processen en samenwerking met de keuringsdiensten als op het verbeteren van processen over de uitgifte van certificaten en de onderbouwing van exportgaranties.
Nederland is een grote exporteur van plantaardige producten en onze internationale positie staat of valt met de betrouwbaarheid en geloofwaardigheid van onze fytosanitaire certificering. Door die nu structureel te verbeteren, voorkomen we risico’s op afkeuringen, handelsbelemmeringen en reputatieschade in de toekomst.
De aanpak van het Programma Verbetering Exportgaranties en -Certificering is doordacht en gefaseerd; thema’s zijn geprioriteerd in meerjarige blokken, we werken projecten per sector uit en we onderbouwen veranderingen proportioneel en in afstemming met de keuringsdiensten, waarbij we het bedrijfsleven informeren. Het is een stevig programma, met een duidelijke koers, dat laat zien dat we de komende jaren proactief bijdragen aan de kwaliteit van het stelsel.
Ook in 2025 leverden we inhoudelijke advisering aan de EU-Commissie en lidstaten bij besluiten van het SCoPAFF (Standing committee on plants, animals, food and feed) om fytosanitaire wet- en regelgeving te verbeteren.
Daarnaast droegen we bij aan verschillende ontwikkelingen binnen EPPO en IPPC. Enkele voorbeelden hiervan zijn:
- Het EPPO Panel on Phytosanitary Measures zette een proces in gang om organismen op de A1- of A2-lijst te kunnen verwijderen. Dit was eerder niet mogelijk omdat er unaniem over gestemd moest worden door alle individuele EPPO-leden. Het nieuwe proces wordt in 2026 getoetst door deregulatie-PRA’s (Pest Risk Analyses) te schrijven voor een vijftal organismen.
EPPO adviseert landen of een organisme een quarantainestatus moet krijgen of niet. In het geval dat een quarantainestatus volgens EPPO zou moeten worden toegekend, wordt een organisme gecategoriseerd als A1 (niet gevestigd in een van de landen die aangesloten zijn bij EPPO) óf A2 (voorkomend in een of enkele landen, in een beperkt gebied). - EPPO beoordeelde in opdracht van de EU, de lijst met EU-RNQP-organismen die voorkomen op fruitgewassen opnieuw. EPPO brengt het advies uit om 60% van de 424 pest/hostplantcombinaties te dereguleren.
Binnen de Europese Unie (EU) is een lijst vastgesteld van plantenziekten en -plagen die niet bestreden hoeven te worden, maar die ook niet in de handel mogen voorkomen – dit laatste om actieve verspreiding tegen te gaan. Dit zijn zogenaamde Regulated Non-Quarantaine Pests (RNQP’s).
Pest/hostcombinaties: het verband tussen één enkele plantenziekte of -plaag (pest) en één specifieke waardplant (hostplant), zoals bladluizen op roos, bruinrot op aardappel, en ToBRFV op tomaat. - We organiseerden in november 2025 een Workshop for Phytosanitary Inspectors, waar 60 inspecteurs uit binnen- en buitenland ideeën uitwisselden over nieuwe inspectiemethoden, communicatie en specifiek de werkwijze bij het controleren van passagiersbagage en e-commerce.
- Voor IPPC leverden we een rapportage op over het verbeteren van internationale onderzoekscoördinatie. Dit rapport wordt besproken tijdens de komende Commission on Phytosanitary Measures (CPM) 20.
- We presenteerden een discussion paper bij de Strategic Planning Group van de IPPC over het anders vormgeven van Internationale Fytosanitaire Standaarden.
Realisatie jaarplan
In ons jaarplan voor 2025 zijn gewenste resultaten geformuleerd. Hieronder geven we aan in hoeverre ons werk in 2025 aan de realisatie ervan heeft bijgedragen.
| Jaarplan | Realisatie |
|---|---|
| Uitbraken van quarantaine-organismen zijn aangepakt. | Gerealiseerd |
| De inhoudelijke bijdrage aan (internationale) beleidsvoorbereiding is geleverd. | Gerealiseerd |
| De afgifte van exportgaranties is verbeterd. | Gerealiseerd |
| De samenwerking tussen de NVWA en de plantaardige keuringsdiensten is verder verstevigd. | Gerealiseerd |
| We houden risicogericht toezicht op naleving van de fytosanitaire wetgeving en leveren een bijdrage aan het vergroten van het fytosanitaire bewustzijn in Nederland. | Gerealiseerd |
Plantgezondheid online en op de radio
Vernieuwde webpagina’s en nieuwe tools op nvwa.nl
De pagina’s over een aantal plantenziekten kregen een make-over, zoals Japanse kever (Popillia japonica), Bruinrot (Ralstonia solanacearum en Ralstonia pseudosolanacearum), Curtobacterium flaccumfaciens pv. flaccumfaciens en Bacterievuur (Erwinia amylovora).
We voorzagen diverse tools van een nieuwe vormgeving, zoals de Exportassistent planten, groenten, fruit, plantaardige producten, Q-organismen, PZ-Q-organismen en RNQP’s herkennen.
Ik ga op reis en neem niet mee
In de maanden juli en augustus gaven we met de online campagne ‘Ik ga op reis en neem niet mee’ ook aandacht aan plantgezondheid. We deden dit met de quarantaine-organisme-onderwerpen Japanse kever en Xylella.
Zaaizaden
Nederland is wereldwijd een belangrijke leverancier van groentezaden. Om de gezondheid van deze zaden te waarborgen, ontwikkelden we samen met partners de erkenningsregeling Laboratoria Erkend voor Export van Zaaizaden (LEEZ). Met deze regeling mogen groentezaden door geautoriseerde laboratoria van zaadbedrijven getoetst worden voor exportcertificering. Groenteveredelingsbedrijf Rijk Zwaan ontving als eerste de definitieve erkenning. Over deze mijlpaal in het toezicht op de export van groentezaden deelden we een bericht op LinkedIn.
Geelschildboktor
We deelden updates over ons onderzoek in de Schoorlse Duinen naar de geelschildboktor. In interviews en berichten legde onze entomoloog Bas uit wat we onderzoeken en waarom het aantreffen van een bepaald quarantaine-organisme als deze boktor grote gevolgen kan hebben. Zo tipten we op LinkedIn een uitzending van Vroege Vogels met Bas, en deelden we op Instagram en LinkedIn een video over de geelschildboktor.
