Inspecties mestbeleid

De NVWA ziet samen met de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO.nl) toe op de naleving van het mestbeleid zoals dit door het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (LNV) is vastgesteld.

De NVWA heeft in 2016 4.064 controles op het mestbeleid uitgevoerd. Bij deze controles zijn 527 bestuurlijke boetes opgelegd en 124 processen-verbaal (strafrecht) opgemaakt. De ernst van de overtredingen varieert van eenvoudige administratieve onvolkomenheden tot fraude. Bij fraude gaat het meestal om het creëren van fictieve afzet. De mest wordt alleen op papier afgevoerd. In werkelijkheid wordt de mest niet afgevoerd, maar bovenop de toegestane bemesting op het land gebracht. Hierdoor vindt overschrijding van de gebruiksnormen plaats, met gevolgen voor het milieu en het grondwater.

Rapportage aan RVO.nl

Alle overtredingen die de NVWA constateert, worden gerapporteerd aan de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO.nl) die de bestuurlijke boetes oplegt en verantwoordelijk is voor de administratieve handhaving. De hoogte van de boete is afhankelijk van de ernst van de overtreding. Het niet kunnen voldoen aan de verantwoordingsplicht voor mest-transporteurs leidt bijvoorbeeld tot boetes oplopend tot enkele honderdduizenden euro's. Bij het constateren van ernstige fraude maakt de NVWA ook proces-verbaal op. Bij grote fraudezaken voert de NVWA in opdracht van het Openbaar Ministerie strafrechtelijk onderzoek uit.

Nalevingsmetingen

Bij alle inspecties die de NVWA uitvoert zijn inspecteurs alert op mogelijke fraude. Het kenmerk van fraude is dat het administratief verborgen is. De precieze omvang van mestfraude is niet bekend. In 2014/2015 heeft de NVWA wel een nalevingsmeting onder 36 intermediaire ondernemingen uitgevoerd. Dit zijn ondernemingen die mest verhandelen en transporteren. Van de 36 onderzoeken werd in 14 gevallen een overtreding geconstateerd, het nalevingscijfer is derhalve 61%. De uitkomsten van dit nalevingsonderzoek onder intermediairs uit 2015 zijn bekend bij de Tweede Kamer. Een eerder aangekondigde nalevingsmeting bij veehouderijen is niet afgerond omdat de NVWA prioriteit gegeven heeft aan andere (risicogerichte) inspecties.

De NVWA zet de beschikbaar gestelde toezichtcapaciteit zo efficiënt mogelijk in. Daarbij is de NVWA gehouden aan door de Europese Commissie strikt voorgeschreven toezichtaanpak voor controles op subsidiegelden, derogatie en identificatie en registratie van runderen.