Regelgeving bestrijden bacterievuur in bufferzones

Bent u grondeigenaar? Dan moet u in de zogeheten bufferzones bacterievuur bestrijden. U moet zo snel mogelijk aangetaste meidoorns en andere planten die gevoelig zijn voor bacterievuur (waardplanten) verwijderen en vernietigen.

In de bufferzones geldt ook dat waardplanten alleen mogen worden aangeplant voor de bedrijfsmatige teelt van boomkwekerijgewassen. In alle andere situaties geldt een aanplantverbod.

Op basis van de Nederlandse regelgeving is het daarom in de bufferzones verboden de volgende soorten aan te planten:

  • Planten van Cotoneaster salicifolius floccosus, Cotoneaster salicifolius, Cotoneaster watereri en de daartoe behorende cultivars en Photinia davidiana.
  • Meidoornsoorten Crataegus calycina (koraalmeidoorn), Crataegus laevigata (tweestijlige meidoorn) en Crataegus monogyna (eenstijlige meidoorn) met uitzondering van de cultivars.

In de Beschikking bestrijding bacterievuur 1984 geldt een uitzondering van dit aanplantverbod voor eerdergenoemde meidoornsoorten. De uitzondering geldt voor meidoornsoorten in delen van de bufferzones die liggen in een gebied waarin de meidoorn een landschappelijk bepalende rol speelt (op aanwijzing van de minister).

De minister heeft de meeste bufferzones gebieden aangewezen waar de meidoorn van bijzondere landschappelijke waarde is.