De NVWA controleert dieren en dierlijke producten op de aanwezigheid van verboden en niet-toegelaten stoffen, en op residuen van diergeneesmiddelen. Dit doen we volgens het Nationaal Plan Residuen veterinair farmacologisch werkzame stoffen. Bekijk de uitkomsten van het monitoringsprogramma in 2025.
In het kort: minder dan 1% van de monsters boven de wettelijke norm
In 2025 onderzochten we 17.267 monsters. Hiervan waren er 6 boven de wettelijke norm en dus niet conform de wettelijke eisen. Dit is een percentage van 0,03%.
Werkwijze
Wij controleren volgens het Nationaal Plan Residuen veterinair farmacologisch werkzame stoffen. Dit monitoringsprogramma is gebaseerd op Europese afspraken. Er staat onder meer in hoeveel monsters we moeten nemen en op welke stoffen we moeten controleren.
Veterinair farmacologisch werkzame stoffen
In 2025 werden de volgende stofgroepen aangetroffen in de niet-conforme monsters:
- toegelaten antibiotica
- niet-steroïdale ontstekingsremmers (NSAID’s)
- een antiparasitair middel
De afwijkende monsters troffen we aan in de slachthuizen. Dierlijke producten waarin overschrijdingen worden geconstateerd worden van de markt gehaald en komen hierdoor niet terecht in de voedselketen.
Bij overschrijdingen van de maximale limiet gaat het vooral om residuen van antibiotica. Residuen van NSAID’s en antiparasitaire middelen boven MRL treffen we ook relatief vaak aan (vergeleken met de andere stofgroepen in dierlijke producten). Dit gebeurt zowel in de primaire fase (bijvoorbeeld bij boerderijen), als bij het slachthuis en bij de grenscontroleposten.
Inspectieresultaten: 17.267 monsters
Wij voerden risicogerichte monsternames uit bij primaire bedrijven (waaronder boerderijen), slachthuizen en grenscontroleposten. De hoeveelheid monsters baseerden we op de productiecijfers van dierlijke producten in 2023. De monsters lieten wij onderzoeken in een geaccrediteerd laboratorium.
We voeren de controles uit volgens ons monitoringsprogramma. Hierin staat welke dieren en dierlijke producten wij moeten controleren, en op welke stoffen we de monsters moeten onderzoeken.
Resultaten per locatie
In totaal namen we 17.267 monsters. Hiervan waren 6 monsters niet conform de wettelijke eisen:
- 0 in de primaire fase (waaronder boerderijen)
- 6 in de slachtfase
- 0 bij de grenscontroleposten
In onderstaande tabel staat welke afwijkingen we vonden in de slachtfase. We laten alleen de stofgroepen zien waarin iets is gevonden.
| Diersoort / product | Stofgroep farmacologisch werkzame stoffen: B1 |
|---|---|
| Rund | 2x ketoprofen (B1d) |
| Vleeskalf | 1x florfenicol (B1a) |
| Varken | |
| Schaap | 1x permethrin (B1b) |
| Geit | 1x paracetamol (B1d) |
| Paard | |
| Pluimvee | 1x doxycycline (B1a) |
| Gekweekt wild | |
| Casings |
Vergelijking met 2024
In totaal hebben we minder monsters genomen dan in 2024, in zowel de primaire fase, slachtfase als bij de grenscontroleposten. Dit komt door een daling in de productiecijfers en door efficiënte inzet van analysetechnieken.
Het totaal aantal niet-conforme monsters daalde van 14 naar 6.
Bekijk de resultaten van 2024.
Europese rapportage
De uitkomsten van onze controles worden elk jaar door de Europese Autoriteit voor Voedselveiligheid (EFSA) meegenomen in een officiële publicatie over de monitoringsprogramma’s van alle Europese lidstaten samen.
Bekijk het EFSA-rapport over de monitoringsprogramma’s van de EU-lidstaten in 2024.
Hoe hebben wij gehandhaafd?
Als wij in een monster meer antibiotica of andere farmacologisch werkzame stoffen aantroffen dan wettelijk is toegestaan, voerden we een inspectie uit bij het primaire bedrijf. Dit is meestal de boerderij waar het dier of dierlijk product vandaan kwam.
We hebben 13 aanvullende inspecties bij boerderijen uitgevoerd, waarvan er 9 uiteindelijk akkoord zijn bevonden. De inspecties leidden tot de volgende resultaten.
Officiële waarschuwing of boete
Wij hebben 4 keer een officiële waarschuwing of een boete opgelegd. Dit was onder meer voor de volgende zaken:
- overschrijden van de maximum residu limiet
- niet nakomen van administratieve verplichtingen
- niet volledig en correct invullen van de voedselketeninformatie (VKI)
- onjuist toepassen van diergeneesmiddelen
Aanvullende monstername
Wij hebben 5 keer een aanvullende monstername gedaan. Deze monsters waren conform de eisen.
Melding naar een ander EU-land
Wij hebben 1 keer een melding gedaan naar een ander EU-land. Hierbij ging het om een dier uit het betreffende land. In het vlees van het dier troffen we een gehalte stof boven de wettelijke norm aan of een andere opvallend resultaat. Dankzij onze melding kan de autoriteit van het andere EU-land een inspectie uitvoeren bij de veehouder.